ECLI:NL:RVS:2025:5808

ECLI:NL:RVS:2025:5808, Raad van State, 03-12-2025, BRS.25.001725

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 03-12-2025
Datum publicatie 10-12-2025
Zaaknummer BRS.25.001725
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537

Samenvatting

Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen

Uitspraak

BRS.25.001725

ECLI:NL:RVS:2025:5808

Datum uitspraak: 3 december 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:

de minister van Asiel en Migratie,

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Amsterdam, van 25 september 2025 in zaak nr. NL24.29646 in het geding tussen:

[betrokkene]

en

de minister.

Procesverloop

Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen

Bij uitspraak van 25 september 2025 heeft de rechtbank dat beroep gegrond verklaard, het met een besluit gelijk te stellen niet tijdig nemen van een besluit vernietigd, bepaald dat de minister binnen twee weken alsnog een besluit op de aanvraag bekendmaakt en dat de minister een dwangsom verbeurt van € 200,00 voor elke dag dat zij die termijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000,00.

Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld.

De minister is in de gelegenheid gesteld zich nader uit te laten.

Overwegingen

1. De termijn voor het instellen van hoger beroep eindigde op 23 oktober 2025. Het hogerberoepschrift is daarna bij de Raad van State binnengekomen, namelijk op 29 oktober 2025. De minister heeft het hogerberoepschrift daarom niet op tijd ingediend. De minister heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om redenen aan te voeren waarom het hoger beroep toch in behandeling moet worden genomen.

2. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk. Van voor vergoeding in aanmerking komende proceskosten, is de Afdeling niet gebleken.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. H.G. Sevenster, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. E.E. Pronk, griffier.

w.g. Sevenster

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Pronk

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 3 december 2025

1028

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. E.E. Pronk

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?