ECLI:NL:RVS:2026:1247

ECLI:NL:RVS:2026:1247

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 04-03-2026
Datum publicatie 04-03-2026
Zaaknummer 202402457/1/A3
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Hoger beroep

Samenvatting

Bij besluit van 1 maart 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Breda besloten om de gronden aan de Brouwersbos 21 in Prinsenbeek aan te wijzen als Groengebied. Op verzoek van Natuurplein de Baronie heeft het college op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening Breda 2018 percelen aan Brouwersbos 21 in Prinsenbeek aangemerkt als Groengebied en de bomen op dit adres aangewezen als waardevolle houtopstanden. [appellant sub 1] en anderen zijn door vererving eigenaar geworden van deze percelen. Zij hebben het college niet toegestaan om de aanwezige bomen te inventariseren. Volgens [appellant sub 1] en anderen blijkt uit de rapportage van 10 januari 2024 van een door henzelf ingeschakeld bomendeskundig adviesbureau dat het niet gaat om waardevolle houtopstanden. De rechtbank heeft allereerst geoordeeld dat het college de percelen van [appellant sub 1] en anderen niet op goede gronden heeft aangemerkt als Groengebied, omdat het gebied geen duidelijke begrenzing heeft.

Uitspraak

202402457/1/A3.

Datum uitspraak: 4 maart 2026

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op de hoger beroepen van:

1. [appellant sub 1A], [appellante sub 1B] en [appellant sub 1C], allen wonend in Prinsenbeek, gemeente Breda,(hierna: [appellant sub 1] en anderen),

en

2. Natuurplein de Baronie,

appellanten,

tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland­-West­-Brabant van 5 maart 2024 in zaak nr. 23/9257 in het geding tussen:

[appellant sub 1] en anderen

en

het college van burgemeester en wethouders van Breda.

Procesverloop

Bij besluit van 1 maart 2023 heeft het college besloten om de gronden aan de Brouwersbos 21 in Prinsenbeek aan te wijzen als Groengebied.

Bij besluit van 14 juli 2023 heeft het college het door [appellant sub 1] en anderen daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 5 maart 2024 heeft de rechtbank het door [appellant sub 1] en anderen daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, het besluit van 14 juli 2023 vernietigd en het college opgedragen om een nieuw besluit op bezwaar te nemen.

Tegen deze uitspraak hebben [appellant sub 1] en anderen hoger beroep ingesteld.

Natuurplein de Baronie heeft incidenteel hoger beroep ingesteld.

[appellant sub 1] en anderen hebben een zienswijze ingediend.

Bij besluit van 7 oktober 2024 heeft het college uitvoering gegeven aan de opdracht van de rechtbank en opnieuw op het bezwaar beslist. Het college heeft het bezwaar van [appellant sub 1] en anderen gegrond verklaard, het besluit van 14 juli 2023 (lees:1 maart 2023) ingetrokken en de aanvraag om aanwijzing als waardevolle houtopstanden afgewezen.

Natuurplein de Baronie heeft gronden ingediend tegen het besluit van 7 oktober 2024.

De Afdeling heeft de zaak op een zitting behandeld op 28 augustus 2025, waar [appellant sub 1] en [appellante sub 1B], bijgestaan door mr. B.J.W. Walraven, advocaat in Rotterdam, zijn verschenen. Voorts is op de zitting Natuurplein De Baronie, vertegenwoordigd door [gemachtigde], gehoord.

Overwegingen

Inleiding

1. Op verzoek van Natuurplein de Baronie heeft het college op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening Breda 2018 (hierna: de APV) percelen aan Brouwersbos 21 in Prinsenbeek aangemerkt als Groengebied en de bomen op dit adres aangewezen als waardevolle houtopstanden. [appellant sub 1] en anderen zijn door vererving eigenaar geworden van deze percelen. Zij hebben het college niet toegestaan om de aanwezige bomen te inventariseren. Volgens [appellant sub 1] en anderen blijkt uit de rapportage van 10 januari 2024 (hierna: de rapportage) van een door henzelf ingeschakeld bomendeskundig adviesbureau dat het niet gaat om waardevolle houtopstanden.

Uitspraak van de rechtbank

2. De rechtbank heeft allereerst geoordeeld dat het college de percelen van [appellant sub 1] en anderen niet op goede gronden heeft aangemerkt als Groengebied, omdat het gebied geen duidelijke begrenzing heeft. Verder heeft de rechtbank geoordeeld dat het college de bomen waar het hier om gaat niet redelijkerwijs heeft kunnen aanmerken als waardevolle houtopstanden. De rechtbank heeft hiertoe overwogen dat het college onvoldoende heeft onderbouwd dat de bomen voldoen aan de waarden zoals genoemd in artikel 4:8, eerste lid, van de APV. Omdat het volgens de rechtbank aan het college zelf is om aannemelijk te maken dat het gaat om waardevolle houtopstanden, kan zij niet aan [appellant sub 1] en anderen tegenwerpen dat het college geen onderzoek heeft kunnen verrichten op de percelen omdat zij dit hebben geweigerd. Dit betekent dat het college niet mocht aannemen dat het om waardevolle houtopstanden zou gaan. [appellant sub 1] en anderen hebben een rapportage van een bomendeskundig adviesbureau overgelegd waarin onder andere staat dat de conditie van de meeste bomen onvoldoende is en dat de bomen laag of gemiddeld scoren op de waarden uit artikel 4:8 van de APV. Het had, zo overweegt de rechtbank, dus juist op de weg van het college gelegen om met bewijs te komen als zij deze bomen toch als waardevolle houtopstanden had willen aanmerken.

Toepasselijke regelgeving

3. De voor deze zaak relevante regelgeving is opgenomen in de bijlage, die deel uitmaakt van deze uitspraak.

Hoger beroep en incidenteel hoger beroep

4. [appellant sub 1] en anderen betogen dat de rechtbank het niet aan het college had moeten laten om een nieuw besluit te nemen, maar dat de rechtbank zelf in de zaak had moeten voorzien door het bezwaar gegrond te verklaren en het besluit van 1 maart 2023 te herroepen. Het niet definitief beslechten van het geschil is volgens hen in strijd met artikel 8:41a van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Verder betogen [appellant sub 1] en anderen dat de rechtbank ten onrechte de door hen gemaakte kosten voor een advocaat alleen heeft vergoed volgens het puntensysteem ter hoogte van € 5.808,00. Volgens [appellant sub 1] en anderen had dit bedrag hoger kunnen en moeten uitpakken vanwege bijzondere omstandigheden zoals bedoeld in artikel 2, derde lid, van het Besluit proceskosten bestuursrecht (hierna: het Besluit).

Natuurplein de Baronie heeft hierop met zijn incidenteel hoger beroep gereageerd, omdat het van mening is dat het wel gaat om waardevolle houtopstanden. Natuurplein de Baronie verwijst hiervoor naar het door [appellant sub 1] en anderen zelf overgelegde rapport, waaruit blijkt dat de bomen in slechte staat verkeren. Volgens Natuurplein de Baronie hebben juist bomen in slechte staat ecologische waarde als schuilplaats voor vleermuizen en insecten. Dit betoog is het meest verstrekkend. Daarom zal de Afdeling eerst ingaan op het incidentele hoger beroep van Natuurplein de Baronie en daarna op het hoger beroep van [appellant sub 1] en anderen.

5. De Afdeling is van oordeel dat Natuurplein De Baronie niet overtuigend heeft onderbouwd dat uit het rapport blijkt dat de bomen ecologische waarde hebben en zij daarom kwalificeren als waardevolle houtopstanden in de zin van de APV. Dat, zoals Natuurplein de Baronie stelt, de bomen die in een slechte staat verkeren een ecologische waarde hebben als schuilplaats voor vleermuizen en insecten, is daarvoor onvoldoende, omdat Natuurplein de Baronie dit niet heeft onderbouwd maar enkel verwijst naar de staat van de bomen als zodanig.

Het betoog slaagt niet.

6. Wat betreft het betoog van [appellant sub 1] en anderen is de Afdeling van oordeel dat de rechtbank voldoende heeft gemotiveerd waarom zij het college heeft opgedragen om een nieuw besluit te nemen. Bovendien is het al dan niet aanwijzen van houtopstanden als waardevol zoals bedoeld in de APV aan het college. Verder ziet de Afdeling in hetgeen [appellant sub 1] en anderen hebben aangevoerd geen aanleiding voor het oordeel dat de rechtbank ten onrechte geen aanvullende proceskostenvergoeding heeft toegekend. Zij hebben immers niet onderbouwd dat het gaat om bijzondere omstandigheden zoals bedoeld in artikel 2, derde lid, van het Besluit.

Het betoog slaagt niet.

Conclusie over het hoger beroep en het incidenteel hoger beroep

7. Omdat zowel het hoger beroep van [appellant sub 1] en anderen als het incidenteel hoger beroep van Natuurplein De Baronie ongegrond zijn, moet de uitspraak van de rechtbank worden bevestigd.

8. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beroep tegen het besluit van 7 oktober 2024

9. Het college heeft ter uitvoering van de opdracht van de rechtbank op 7 oktober 2024 een nieuw besluit genomen op het door [appellant sub 1] en anderen gemaakte bezwaar. Het college heeft het bezwaar van [appellant sub 1] en anderen gegrond verklaard, de aanwijzing van de bomen op de percelen van Brouwersbos 21 ingetrokken en de aanvraag om aanwijzing afgewezen.

10. Het besluit van 7 oktober 2024 wordt, gelet op artikel 6:24 van de Awb gelezen in samenhang met artikel 6:19 van die wet, geacht voorwerp te zijn van dit geding.

11. Natuurplein De Baronie kan zich niet verenigen met het nieuwe besluit en voert daarvoor vergelijkbare gronden aan als in haar incidenteel hoger beroep, zoals weergegeven onder 4. Evenals hiervoor onder 5 overwogen is de Afdeling van oordeel dat Natuurplein De Baronie niet heeft onderbouwd dat uit het rapport blijkt dat de bomen ecologische waarde hebben en het daarom gaat om waardevolle houtopstanden, zoals bedoeld in artikel 4.7, onder s, van de APV.

Het betoog slaagt niet.

Conclusie over het besluit

12. Het beroep is ongegrond. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Slotsom

13. Het hoger beroep van [appellant sub 1] en anderen en het incidenteel hoger beroep van Natuurplein de Baronie zijn ongegrond. De uitspraak van de rechtbank moet daarom worden bevestigd. Het van rechtswege ontstane beroep tegen het besluit van 7 oktober 2024 is ongegrond.

14. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. bevestigt de uitspraak van de rechtbank;

II. verklaart het beroep tegen het besluit van het college van 7 oktober 2024 ongegrond.

Aldus vastgesteld door mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. I.W.M.J. Bossmann, griffier.

w.g. Scholten-Hinloopen

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Bossmann

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 4 maart 2026

314-1146

BIJLAGE

Algemene Plaatselijke Verordening Breda 2018

Artikel 4:7 Begripsbepalingen

i. Groengebied: Een gebied met een duidelijke ruimtelijke samenhang en begrenzing, waarin zich meerdere bomen bevinden en dat een uitgesproken groene functie heeft en/of specifiek is ingericht ten behoeve van een kwalitatieve verblijfservaring in het groen.

k. houtopstanden: Een of meer bomen, boomvormers, andere houtachtige gewassen, Groengebieden en/of landschapselementen.

s. waardevolle houtopstanden: Houtopstanden die op basis van aanwezige waarde(n) worden beschouwd als behoudenswaardig en/of houtopstanden die zijn/moeten worden aangeplant op basis van een herplantplicht.

Artikel 4:8 Waardevolle houtopstand

1. Het college wijst houtopstand aan als Waardevolle houtopstanden, mits de conditie en de groeiruimte van de houtopstand aanvaardbaar zijn en de houtopstand beschikt over één of meer van de volgende waarden:

a. cultuurhistorie;

b. stedenbouw en/of landschap;

c. ecologie;

d. klimaat;

e. dendrologie.

[…]

Artikel 4:9 Ambtshalve of op verzoek aanwijzen waardevolle houtopstanden

1. Het college kan zowel ambtshalve als op verzoek van een belanghebbende besluiten tot het aanwijzen van waardevolle houtopstanden, mits:

a. De houtopstand zich niet bevindt binnen in artikel 4:18 genoemde afstand tot de erfgrens als bedoeld in artikel 5:42 van het Burgerlijk Wetboek, tenzij er sprake is van verjaring van het recht om de verwijdering te vorderen, en

b. wordt voldaan aan artikel 4:8, lid 1.

[…]

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. I.W.M.J. Bossmann

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?