ECLI:NL:RVS:2026:2058

ECLI:NL:RVS:2026:2058

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 15-04-2026
Datum publicatie 15-04-2026
Zaaknummer 202501993/1/A2
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Hoger beroep

Samenvatting

Bij besluit van 19 april 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amstelveen een aanvraag van [appellant] om een vergunning voor het in gebruik geven van de woning aan de [locatie] in Amstelveen voor toeristische verhuur, afgewezen. [appellant] heeft een aanvraag ingediend om een vergunning voor het in gebruik geven van de destijds door hem gehuurde woning aan de [locatie] in Amstelveen voor toeristische verhuur. Het college heeft deze aanvraag bij het besluit van 19 april 2023, zoals gehandhaafd bij het besluit van 24 juli 2023, afgewezen. Het college heeft zich in het besluit van 24 juli 2023, onder verwijzing naar het advies van de commissie voor de bezwaarschriften, op het standpunt gesteld dat op grond van artikel 3.8.1, tweede lid, aanhef en onder d, van de Huisvestingsverordening gemeente Amstelveen 2022 een vergunning kan worden geweigerd als niet is voldaan aan de voorwaarde dat op eigen gelegen terrein wordt voorzien in minimaal één parkeerplaats per gastenkamer. Het college voert bij de uitvoering van dit artikel beleid, dat is neergelegd in artikel 5.1 van de Uitvoeringsregels Wonen Amstelveen 2023 (Uitvoeringsregels).

Uitspraak

202501993/1/A2.

Datum uitspraak: 15 april 2026

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellant],

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 20 februari 2025 in zaak nr. 23/5441 in het geding tussen:

[appellant]

en

het college van burgemeester en wethouders van Amstelveen.

Procesverloop

Bij besluit van 19 april 2023 heeft het college een aanvraag van [appellant] om een vergunning voor het in gebruik geven van de woning aan de [locatie] in Amstelveen voor toeristische verhuur, afgewezen.

Bij besluit van 24 juli 2023 heeft het college het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 20 februari 2025 heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft [appellant] hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

[appellant] heeft een nader stuk ingediend.

De Afdeling heeft de zaak op een zitting behandeld op 13 februari 2026, waar [appellant], vertegenwoordigd door mr. M.H.J. van Riessen, advocaat in Amsterdam, vergezeld door [persoon A] en [persoon B], en het college van burgemeester en wethouders van Amstelveen, vertegenwoordigd door M. van Lent, zijn verschenen. De Afdeling heeft het onderzoek ter zitting geschorst.

[appellant] en het college hebben een nader stuk ingediend.

Met toestemming van partijen heeft de Afdeling een nadere zitting achterwege gelaten en het onderzoek gesloten.

Overwegingen

1. Het wettelijk kader is opgenomen in de bijlage die deel uitmaakt van deze uitspraak.

2. [appellant] heeft een aanvraag ingediend om een vergunning voor het in gebruik geven van de destijds door hem gehuurde woning aan de [locatie] in Amstelveen voor toeristische verhuur. Het college heeft deze aanvraag bij het besluit van 19 april 2023, zoals gehandhaafd bij het besluit van 24 juli 2023, afgewezen. Het college heeft zich in het besluit van 24 juli 2023, onder verwijzing naar het advies van de commissie voor de bezwaarschriften, op het standpunt gesteld dat op grond van artikel 3.8.1, tweede lid, aanhef en onder d, van de Huisvestingsverordening gemeente Amstelveen 2022 een vergunning kan worden geweigerd als niet is voldaan aan de voorwaarde dat op eigen gelegen terrein wordt voorzien in minimaal één parkeerplaats per gastenkamer. Het college voert bij de uitvoering van dit artikel beleid, dat is neergelegd in artikel 5.1 van de Uitvoeringsregels Wonen Amstelveen 2023 (Uitvoeringsregels). Op grond van dat beleid moet het college de vergunning weigeren als niet aan de voorwaarde van voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein is voldaan. Niet ter discussie staat dat in dit geval niet aan deze voorwaarde is voldaan. Er bestaat in dit geval geen aanleiding om van het in de Uitvoeringsregels neergelegde beleid af te wijken, omdat de situatie van [appellant] niet in doorslaggevende mate verschilt van anderen die binnen de gemeente Amstelveen een bed & breakfast willen exploiteren. Bovendien kan [appellant] de woning nog op een andere manier verhuren en zo inkomsten verwerven, aldus het college. De rechtbank heeft bij de uitspraak van 20 februari 2025 het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

3. [appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank van 20 februari 2025. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (onder meer in de uitspraak van 9 mei 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1563) is de bestuursrechter slechts gehouden tot inhoudelijke beoordeling van een bij hem ingediend (hoger) beroep tegen een besluit van een bestuursorgaan indien de indiener daarbij een actueel en reëel belang heeft. Indien dat belang is vervallen, is de bestuursrechter niet geroepen uitspraak te doen uitsluitend wegens de principiële betekenis daarvan. De Afdeling moet dus bepalen of [appellant] procesbelang heeft bij een beoordeling van de uitspraak van de rechtbank en daarbij beoordelen of hij het doel dat hem voor ogen staat met het instellen van hoger beroep daadwerkelijk met de uitkomst van de hogerberoepsprocedure kan bereiken en of die uitkomst voor hem ook feitelijk van betekenis is. Als procesbelang ontbreekt, moet het hoger beroep niet‑ontvankelijk worden verklaard.

3.1. Het college heeft in de schriftelijke uiteenzetting gesteld dat [appellant] per 13 september 2024 is uitgeschreven van het adres [locatie] in Amstelveen en heeft bij brief van 3 maart 2026 een uitdraai uit de basisregistratie personen (brp) overgelegd waaruit dit blijkt. Zolang [appellant] geen gebruik kan maken van de woning waarvoor de vergunning is aangevraagd, kan hij deze ook niet in gebruik geven voor toeristische verhuur. De Afdeling ziet zich daarom voor de vraag gesteld of [appellant] nog een voldoende actueel en reëel belang heeft bij zijn hoger beroep. De Afdeling heeft deze vraag op de zitting met partijen besproken en het onderzoek ter zitting geschorst om [appellant] in de gelegenheid te stellen om met een huurovereenkomst en bewijs van de betaling van drie recente maanden aan huur aannemelijk te maken dat hij de woning aan de [locatie] in Amstelveen nog steeds huurt. [appellant] heeft de Afdeling bij brief van 20 februari 2026 te kennen gegeven deze stukken niet te kunnen overleggen. [appellant] heeft dus niet aannemelijk gemaakt dat hij, in weerwil van het ontbreken van inschrijving in de brp, de woning in gebruik heeft. Uit het dossier blijkt niet van omstandigheden die maken dat, ook als [appellant] de woning niet in gebruik heeft, hij nog een voldoende actueel en reëel belang heeft bij zijn hoger beroep.

4. Gelet op het voorgaande heeft [appellant] geen procesbelang bij zijn hoger beroep. De Afdeling zal dit hoger beroep daarom niet-ontvankelijk verklaren.

5. Het college hoeft geen proceskosten te betalen.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. A.B. Blomberg, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. H.A. Komduur, griffier.

w.g. Blomberg

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Komduur

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 15 april 2026

809

BIJLAGE

Huisvestingswet

Artikel 23a

1. Het is verboden om een woonruimte, behorend tot een met het oog op het behoud of de samenstelling van de woonruimtevoorraad of het behoud van de leefbaarheid van de woonomgeving door de gemeenteraad in de huisvestingsverordening aangewezen categorie woonruimte en gelegen in een in die verordening aangewezen gebied, voor een in die verordening omschreven vorm van toeristische verhuur aan te bieden zonder het registratienummer van die woonruimte te vermelden bij iedere aanbieding van die woonruimte voor toeristische verhuur.

[…]

Artikel 23c

1. Indien de gemeenteraad toepassing heeft gegeven aan artikel 23a, kan hij in die huisvestingsverordening tevens bepalen dat het verboden is een op basis van dat artikel aangewezen categorie van woonruimte die gelegen is in een in de verordening aangewezen gebied voor een in de verordening omschreven vorm van toeristische verhuur in gebruik te geven indien daarvoor geen vergunning is verleend door burgemeester en wethouders.

[…]

4. Een vergunning als bedoeld in het eerste lid, wordt aangevraagd door degene die de woonruimte in gebruik geeft voor toeristische verhuur.

Artikel 24

De gemeenteraad stelt in de huisvestingsverordening regels omtrent de gronden die tot weigering van een vergunning als bedoeld in artikel 21, artikel 22, eerste lid, of artikel 23c, eerste lid kunnen leiden en de voorwaarden en voorschriften die burgemeester en wethouders kunnen verbinden aan een vergunning als bedoeld in die artikelen.

Huisvestingsverordening Amstelveen 2022

Artikel 3.7.1

In dit hoofdstuk worden de volgende vormen van toeristische verhuur onderscheiden:

[…]

b. Bed & breakfast als bedoeld in artikel 1.1 onder d;

[…]

Artikel 3.7.4

1. Het is verboden woonruimte in gebruik te geven voor de in artikel 3.7.1 genoemde vormen van toeristische verhuur zonder vergunning toeristische verhuur van burgemeester en wethouders of in afwijking daarvan.

[…]

Artikel 3.8.1

1. Aanvragen voor vergunningen als bedoeld in artikel 3.7.4 worden ingediend door degene die de woonruimte in gebruik geeft voor toeristische verhuur, op een door burgemeester en wethouders voorgeschreven wijze.

2. Behalve op grond van de toepassing van artikel 25 van de wet (bibob-toets), kan de vergunning ook worden geweigerd, als:

[…]

d. niet wordt voldaan aan de ingevolge deze paragraaf bij de vergunning gestelde voorwaarden.

[…]

4. Aan de vergunning voor bed & breakfast worden de volgende voorwaarden en voorschriften verbonden:

[…]

j. op eigen terrein wordt voorzien in één parkeerplaats per kamer die voor bed & breakfast in gebruik wordt gegeven plus één parkeerplaats voor de hoofdbewoner.

Uitvoeringsregels Wonen Amstelveen 2023

Artikel 5.1

Het verhuren van een deel van een woning voor recreatief verbruik door middel van het realiseren van een Bed & Breakfast, waarbij verhuurder al dan niet ontbijt serveert, is gebonden aan de volgende voorwaarden:

[…]

9. Per gastenkamer dient minimaal één parkeerplaats op eigen gelegen terrein gerealiseerd te worden om extra parkeerdruk in de openbare ruimte

in de buurt te voorkomen;

[…]

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?