ECLI:NL:RVS:2026:2275

ECLI:NL:RVS:2026:2275

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 22-04-2026
Datum publicatie 22-04-2026
Zaaknummer 202503886/1/A2
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Hoger beroep

Samenvatting

Bij besluit van 3 juli 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Voorschoten een verplicht fietspad ingesteld op de Chopinlaan en op de Berliozlaan. [appellant] en anderen wonen in de wijk Adegeest in Voorschoten. Het college heeft besloten om in die wijk op twee punten verplichte fietspaden te realiseren door het plaatsen van borden. Door het aanbrengen van deze zogenoemde knippen wordt zowel de Chopinlaan (tussen de Diepenbrocklaan en de Händellaan) als de Berliozlaan (tussen de Bizetlaan en de Richard Wagnerlaan) op die punten afgesloten voor motorvoertuigen. [appellant] en anderen kunnen zich niet verenigen met het besluit. Zij vrezen dat het aanbrengen van de knippen tot een toename van het gemotoriseerd verkeer in hun directe woonomgeving zal leiden.

Uitspraak

202503886/1/A2.

Datum uitspraak: 22 april 2026

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellant] en anderen, allen wonend in Voorschoten,

appellanten,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 27 mei 2025 in zaak nr. 24/9775 in het geding tussen:

[appellant] en anderen

en

het college van burgemeester en wethouders van Voorschoten.

Procesverloop

Bij besluit van 3 juli 2024 heeft het college een verplicht fietspad ingesteld op de Chopinlaan en op de Berliozlaan.

Bij besluit van 10 december 2024 heeft het college de door [appellant] en anderen daartegen gemaakte bezwaren ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 27 mei 2025 heeft de rechtbank het door [appellant] en anderen daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, het besluit van 10 december 2024 vernietigd en het college opgedragen een nieuw besluit te nemen.

Tegen deze uitspraak hebben [appellant] en anderen hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

Bij besluit van 19 augustus 2025 heeft het college de door [appellant] en anderen tegen het besluit van 3 juli 2024 gemaakte bezwaren gegrond verklaard, dat besluit herroepen en opnieuw een verplicht fietspad ingesteld op de Chopinlaan en op de Berliozlaan.

[appellant] en anderen hebben gronden ingediend tegen het besluit van 19 augustus 2025.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

[appellant] en anderen hebben nadere stukken ingediend.

Het college heeft eveneens nadere stukken ingediend.

[partij A], [partij B], [partij B] en [partij C] hebben elk een zienswijze ingediend.

De Afdeling heeft de zaak op een zitting behandeld op 2 maart 2026, waar [appellant], vergezeld door [gemachtigde], en het college, vertegenwoordigd door mr. M. el Hachmioui, R. van Gent, E. Bijlsma en drs. ing. T. Prins, zijn verschenen. Verder zijn op de zitting [partij A], [partij B], [partij B] en [partij C] als partijen gehoord.

Overwegingen

Inleiding

1. [appellant] en anderen wonen in de wijk Adegeest in Voorschoten. Het college heeft besloten om in die wijk op twee punten verplichte fietspaden te realiseren door het plaatsen van borden. Door het aanbrengen van deze zogenoemde knippen wordt zowel de Chopinlaan (tussen de Diepenbrocklaan en de Händellaan) als de Berliozlaan (tussen de Bizetlaan en de Richard Wagnerlaan) op die punten afgesloten voor motorvoertuigen.

2. [appellant] en anderen kunnen zich niet verenigen met het besluit. Zij vrezen dat het aanbrengen van de knippen tot een toename van het gemotoriseerd verkeer in hun directe woonomgeving zal leiden. Volgens hen is het besluit van 3 juli 2024 onzorgvuldig tot stand gekomen, omdat in het participatieproces te laat en te weinig expliciet duidelijk is gemaakt dat en waar de knippen komen. Ook is het besluit niet gebaseerd op de resultaten van concreet onderzoek, maar rust het voornamelijk op aannames, waardoor het een deugdelijke motivering mist. Bovendien is geen rekening gehouden met de wensen van de bewoners van Adegeest die hun bezwaren hebben geuit tegen de knippen. Er is dus geen goede belangenafweging gemaakt. Tot slot is het besluit in strijd met het gelijkheidsbeginsel, omdat in Sweelinckhof, een andere wijk in Voorschoten, een soortgelijk plan van het college geen doorgang heeft gevonden nadat bewoners waren gehoord in hun bezwaren, aldus [appellant] en anderen.

Uitspraak van de rechtbank

3. De rechtbank heeft onder meer de volgende overwegingen aan haar uitspraak ten grondslag gelegd.

4. De gemeente Voorschoten heeft de noodzakelijke vervanging van het rioolstelsel en groot onderhoud van de wegen in de wijk Adegeest aangegrepen voor een herinrichting van de wijk. Vanwege de integrale en gebiedsgerichte aanpak is een participatieproces gestart. Het college heeft in de periode juli tot en met december 2022 verschillende participatiemomenten georganiseerd voor bewoners en belanghebbenden uit de wijk. Gelet op alles wat het college heeft gedaan om bewoners te informeren en te betrekken in het participatieproces, is het aannemelijk dat het college voor een deugdelijk participatieproces heeft gezorgd en dat het verkeersbesluit in die zin dan ook niet onzorgvuldig tot stand is gekomen. Dat [appellant] en anderen wat aan te merken hebben op (de vorm of gang van zaken van) het participatieproces, betekent niet dat het college onzorgvuldig heeft gehandeld.

5. Omdat het college niet deugdelijk gemotiveerd heeft welke belangen gediend zijn met het instellen van de verplichte fietspaden, is het besluit van 10 december 2024 onzorgvuldig tot stand gekomen en niet goed gemotiveerd. Dat besluit kan alleen al daarom niet in stand blijven.

Hoger beroep

6. De gronden die [appellant] en anderen in hoger beroep aanvoeren, zijn zo goed als een herhaling van de gronden die zij hebben aangevoerd in beroep. De rechtbank is gemotiveerd op die gronden ingegaan. De Afdeling kan zich vinden in het oordeel van de rechtbank en in de onder 8.1 tot en met 8.4 opgenomen overwegingen, waarop dat oordeel is gebaseerd. De Afdeling voegt daaraan toe dat er geen wettelijke verplichting was om, voorafgaand aan het nemen van het verkeersbesluit, aan omwonenden de mogelijkheid tot inspraak te bieden. Zelfs als het college die mogelijkheid tot inspraak onvoldoende zou hebben geboden, zoals [appellant] en anderen betogen, zou dat geen gevolgen hebben voor de rechtmatigheid van het verkeersbesluit (vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 10 december 2025, ECLI:NL:RVS:2025:6009, onder 11.1). Verder volgt de Afdeling [appellant] en anderen niet in het betoog dat het college in strijd met het gelijkheidsbeginsel heeft gehandeld. Het college heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat de gang van zaken in de wijk Sweelinckhof niet gelijk is aan die van de wijk Adegeest.

7. Het hoger beroep is ongegrond. De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank, voor zover aangevallen.

Beroep van rechtswege

8. Naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank heeft het college op 19 augustus 2025 een nieuw besluit op de bezwaren van [appellant] en anderen genomen. Dit besluit wordt van rechtswege geacht onderwerp te zijn van dit geding (artikel 6:19, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), gelezen in samenhang met artikel 6:24 van die wet).

9. [appellant] en anderen betogen dat het college bij de voorbereiding van het besluit van 19 augustus 2025 in strijd met artikel 7:2 en artikel 7:9 van de Awb heeft gehandeld. Het door het college ingewonnen advies van Goudappel bevat gegevens over verkeerstellingen, aannames en schattingen over verkeersstromen die voor de bewoners nieuw zijn. Daarover hadden zij graag ten overstaan van de commissie bezwaarschriften hun standpunten kenbaar willen maken. Zij zijn ten onrechte niet opnieuw gehoord en ten onrechte niet in de gelegenheid gesteld om op het advies van Goudappel te reageren.

9.1. Het college heeft het conceptadvies van Goudappel op 13 augustus 2025 met verschillende belanghebbenden, onder wie ook [appellant] en anderen, gedeeld, maar, in strijd met artikel 7:9 van de Awb, hen niet in de gelegenheid gesteld daarover te worden gehoord. Hoewel het besluit van 19 augustus 2025 in zoverre een gebrek bevat, ziet de Afdeling aanleiding dit gebrek met toepassing van artikel 6:22 van de Awb te passeren. Daarbij is van belang dat [appellant] en anderen in de gelegenheid zijn gesteld om hun standpunten over het conceptadvies voorafgaand aan het nieuwe besluit naar voren te brengen. Van die gelegenheid hebben zij ook daadwerkelijk gebruik gemaakt, waarbij zij, ter toelichting van hun standpunten, een rapport van Bureau Schoorstra Verkeerskundig Advies (BSVA) hebben overgelegd. Verder zijn zij op 22 augustus 2025, nadat het nieuwe besluit was genomen, geïnformeerd aan de hand van een raadsinformatiebrief, het definitieve advies en een beoordelingskader ten behoeve van de evaluatie. Hangende de beslissing op het beroep van rechtswege hebben zij kennis kunnen nemen van het definitieve advies en daarop een reactie kunnen indienen. Dit betekent dat aannemelijk is dat zij door het gebrek niet in hun belangen zijn geschaad.

10. [appellant] en anderen betogen verder dat Goudappel de schijn van partijdigheid heeft gewekt. Zij merken op dat Goudappel het advies heeft gegeven om de knippen permanent aan te leggen en niet, zoals het college van plan is, slechts tijdelijk als pilot. Zij voeren verder aan dat Goudappel slechts als doel heeft gehad het verkeersbesluit te onderbouwen, terwijl de bewoners hadden mogen verwachten dat een neutraal advies wordt opgesteld, waarbij ook alle argumenten van de bewoners tegen de knippen uitvoerig zouden zijn belicht. Zij wijzen in dit verband op de beperkte vraagstelling in de opdracht aan Goudappel. Volgens [appellant] en anderen lijkt het advies meer op een rechtvaardiging van door het college gemaakte beleidsmatige keuzes.

10.1. Wanneer de schijn is gewekt dat de door het bestuursorgaan benoemde adviseur niet onpartijdig is, mag het bestuursorgaan het advies van deze adviseur niet aan zijn besluitvorming ten grondslag leggen (vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 19 maart 2025, ECLI:NL:RVS:2025:1144, onder 9.1).

10.2. Het betoog van [appellant] en anderen biedt onvoldoende grond voor de conclusie dat het college het advies van Goudappel niet aan zijn besluit ten grondslag mocht leggen om de reden dat de schijn van partijdigheid is gewekt. Gesteld noch gebleken is dat Goudappel een eigen belang bij de uitkomst van het advies had. Dat met het advies is beoogd een inhoudelijke onderbouwing voor de tijdelijke verkeersmaatregelen te bieden, maar daarbij niet alle argumenten van de bewoners zijn belicht, levert op zichzelf geen aanknopingspunt op voor twijfel aan de onpartijdigheid van Goudappel. De beperkte vraagstelling komt daarbij voort uit de opdracht die de rechtbank had gegeven. Op de zitting bij de Afdeling heeft Goudappel toegelicht dat uit haar advies blijkt dat het advies niet slechts een onderbouwing van de door het college genomen beslissing behelst. Zij heeft er bijvoorbeeld op gewezen dat zij op bladzijde 17 van het advies, vanuit haar eigen onafhankelijke en onpartijdige expertise, het voorstel heeft gedaan om, in afwijking van het voornemen van het college, de maatregelen niet als pilot, maar permanent uit te voeren. Daarvoor heeft zij als argument aangevoerd dat de vormgeving van een permanente maatregel duidelijker is en dat de meerwaarde voor de groenontwikkeling daarvan zich direct manifesteert. Hieruit valt af te leiden dat Goudappel het advies als een onpartijdig adviseur heeft gegeven.

Het betoog slaagt niet.

11. [appellant] en anderen betogen verder, mede onder verwijzing naar het rapport van BSVA, dat uit het advies van Goudappel niet volgt dat met de verplichte fietspaden het belang van de verkeersveiligheid in de wijk Adegeest in zijn totaliteit wordt gediend. Ook is het effect van het instellen van eenrichtingsverkeer in de Van Beethovenlaan miskend. In het besluit van 19 augustus 2025 is hier geen aandacht aan besteed.

11.1. Dat tussen Goudappel en BSVA een verschil van inzicht bestaat over de gevolgen van het instellen van de verplichte fietspaden, betekent niet dat [appellant] en anderen aannemelijk hebben gemaakt dat het door Goudappel verrichte onderzoek onzorgvuldig of onvolledig is geweest, noch dat het college zich redelijkerwijs niet op het advies van Goudappel van 31 juli 2025 heeft kunnen baseren. Het rapport van BSVA geeft geen aanleiding voor het oordeel dat er een concreet aanknopingspunt is voor twijfel aan de juistheid of volledigheid van het advies van de Goudappel. Dat, zoals in het rapport van BSVA is vermeld, in het advies van Goudappel niet expliciet is benoemd dat rekening is gehouden met het instellen van eenrichtingsverkeer op de parallelweg van de Van Beethovenlaan, leidt niet tot een ander oordeel. In dat rapport is immers ook vermeld dat de verwachting is dat de afname van het verkeer op de Chopinlaan door het instellen van eenrichtingsverkeerminder minder groot is dan is aangegeven en dat de toename van het verkeer op de andere punten juist hoger wordt, maar dat de verkeersintensiteit, net als in de huidige situatie het geval is, in alle straten ruim binnen de gestelde criteria blijft.

Het betoog slaagt niet.

12. [appellant] en anderen betogen verder dat het college niet aannemelijk heeft gemaakt dat de knippen verbetering brengen in het karakter of de functie van objecten als bedoeld in artikel 2, tweede lid onder b, van de Wegenverkeerswet 1994. Het college stelt dat met de knippen een doorlopende groenverbinding wordt gecreëerd, maar dat is volgens [appellant] en anderen niet het geval.

12.1. Het college beoogt niet een doorlopende groenverbinding te creëren met het besluit van 19 augustus 2025. Wel zullen de knippen volgens het college bijdragen aan een betere verbinding tussen de groenstroken door het weren van gemotoriseerde voertuigen tussen die groenstroken. Door alleen fietsers toe te laten, wordt het karakter van het gebied niet aangetast. Op dit onderdeel berust het betoog van [appellant] en anderen op een verkeerde lezing van het besluit. Goudappel heeft het advies gegeven om het fietspad permanent aan te leggen, eventueel onverhard, waardoor het ook mogelijk is om een doorlopende groenstrook te creëren.

Het betoog slaagt niet.

13. [appellant] en anderen betogen verder dat het besluit van 19 augustus 2025 in strijd is met het evenredigheidsbeginsel. Volgens [appellant] en anderen ontbreekt een deugdelijke belangenafweging, omdat de belangen van de bewoners in de straten rondom de geplande knippen, waar de verkeersintensiteit zal toenemen, niet zijn meegewogen.

13.1. Gelet op het advies van Goudappel blijven de verkeersintensiteiten onder de aanbevolen grenswaarden. Het door [appellant] en anderen genoemde nadelige gevolg van het verkeersbesluit is daarmee niet onevenredig in verhouding tot de met dat besluit te dienen doelen.

Het betoog slaagt niet.

14. Het beroep tegen het besluit van 19 augustus 2025 is ongegrond.

15. Het college moet, gelet op het onder 9.1 geconstateerde gebrek in het besluit van 19 augustus 2025, de door [appellant] en anderen gemaakte proceskosten in het kader van het beroep van rechtswege vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. bevestigt de uitspraak van de rechtbank, voor zover aangevallen;

II. verklaart het beroep tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Voorschoten van 19 augustus 2025 ongegrond;

III. veroordeelt het college van burgemeester en wethouders van Voorschoten tot vergoeding van bij [appellant] en anderen in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1.119,25, geheel toe te rekenen aan kosten van een deskundige die een verslag heeft uitgebracht.

Aldus vastgesteld door mr. H.G. Sevenster, voorzitter, en mr. B.P.M. van Ravels en mr. G.O. van Veldhuizen, leden, in tegenwoordigheid van mr. R.J.R. Hazen, griffier.

w.g. Sevenster

voorzitter

w.g. Hazen

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 22 april 2026

452-1112

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. H.G. Sevenster
  • mr. B.P.M. van Ravels
  • mr. G.O. van Veldhuizen

Griffier

  • mr. R.J.R. Hazen

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?