ECLI:NL:RVS:2026:2768

ECLI:NL:RVS:2026:2768

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 13-05-2026
Datum publicatie 13-05-2026
Zaaknummer 202407529/1/A3
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Hoger beroep

Samenvatting

Bij besluit van 2 maart 2022 heeft de Commissie Eindtermen Accountantsopleiding (CEA) het verzoek van [appellant] om openbaarmaking van documenten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur gedeeltelijk toegewezen. [appellant] heeft op 16 januari 2022 bij de CEA op grond van de Wob verzocht om openbaarmaking van documenten over de aanwijzingsbesluiten van alle door de CEA aangewezen Registeraccount (RA)-opleidingen en over verschillende toezichtsinstrumenten. Op 23 februari 2022 heeft [appellant] ook verzocht om openbaarmaking van de door de CEA in het kader van de behandeling van het verzoek ontvangen zienswijzen. Bij besluit van 2 maart 2022 heeft de CEA de verzochte documenten gedeeltelijk openbaar gemaakt. Bij besluit van 10 maart 2022 heeft de CEA de door [appellant] verzochte zienswijzen verstrekt. Bij besluit van 21 april 2022 heeft de CEA het bezwaar van [appellant] deels gegrond verklaard, aanvullende documenten verstrekt en voor het overige het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.

Uitspraak

202407529/1/A3.

Datum uitspraak: 13 mei 2026

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellant], wonend in [woonplaats],

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 1 november 2024 in zaak nr. 22/2581 in het geding tussen:

[appellant]

en

Commissie Eindtermen Accountantsopleiding (CEA).

Procesverloop

Bij besluit van 2 maart 2022 heeft de CEA het verzoek van [appellant] om openbaarmaking van documenten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) gedeeltelijk toegewezen.

Bij besluit van 10 maart 2022 heeft de CEA de door [appellant] in zijn e-mail van 23 februari 2022 verzochte stukken gedeeltelijk openbaar gemaakt.

Bij besluit van 21 april 2022 heeft de CEA het besluit van 2 maart 2022 herzien en aanvullende documenten openbaar gemaakt. Verder heeft de CEA het bezwaar tegen het besluit van 10 maart 2022 niet-ontvankelijk verklaard.

Bij uitspraak van 1 november 2024 heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft [appellant] hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

De Afdeling heeft de zaak op een zitting behandeld op 22 april 2026, waar de CEA, vertegenwoordigd door mr. S.M.C. Nuyten, advocaat in Amsterdam, en [gemachtigde], zijn verschenen.

Overwegingen

Inleiding

1. [appellant] heeft op 16 januari 2022 bij de CEA op grond van de Wob verzocht om openbaarmaking van documenten over de aanwijzingsbesluiten van alle door de CEA aangewezen Registeraccount (RA)-opleidingen en over verschillende toezichtsinstrumenten. Op 23 februari 2022 heeft [appellant] ook verzocht om openbaarmaking van de door de CEA in het kader van de behandeling van het verzoek ontvangen zienswijzen. Bij besluit van 2 maart 2022 heeft de CEA de verzochte documenten gedeeltelijk openbaar gemaakt. Bij besluit van 10 maart 2022 heeft de CEA de door [appellant] verzochte zienswijzen verstrekt. Bij besluit van 21 april 2022 heeft de CEA het bezwaar van [appellant] deels gegrond verklaard, aanvullende documenten verstrekt en voor het overige het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.

Hoger beroep

2. [appellant] betoogt dat de rechtbank door de CEA is misleid. Hij voert hiertoe aan dat de CEA niet de waarheid heeft vermeld over haar rol als toezichthouder. De CEA heeft informatie achtergehouden, aldus [appellant].

2.1. De Afdeling stelt vast dat [appellant] slechts in algemene zin heeft gesteld dat de rechtbank door de CEA is misleid. Het betoog is te algemeen van aard en niet nader toegelicht en wordt daarom niet nader besproken.

Misbruik van recht

3. De Afdeling ziet nochtans geen aanleiding om op dit moment misbruik van recht aan te nemen. De reden daarvoor is dat het in deze zaak gaat om het eerste Wob-verzoek bij de CEA. Voor de Afdeling staat niet vast dat [appellant] dat eerste verzoek uitsluitend heeft gedaan om andere redenen dan waarvoor de Wob is bedoeld. Hij mocht ook procederen over het besluit van de CEA op dat verzoek. De werkwijze van [appellant] kenmerkt zich echter door een aanzienlijke hoeveelheid procedures die bij de Afdeling aanhangig zijn gemaakt, waarbij voornamelijk (steeds dezelfde) formele gronden worden aangevoerd en de materiële inhoud nauwelijks ter discussie wordt gesteld. Dit kan de doelmatigheid van de rechtsgang onder druk zetten. Verder heeft de Afdeling in haar uitspraak van 17 juli 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2897, al misbruik van recht door [appellant] aangenomen, omdat [appellant] veelvuldig procedeerde tegen het door het College van bestuur van de Erasmus Universiteit Rotterdam aan hem opgelegde campusverbod. Op de zitting bij de Afdeling van deze zaak zijn ook nog drie andere zaken van [appellant], met nummers 202206069-1-A3, 202402869-1-A3 en 202501066-1-A3, behandeld. Verder merkt de Afdeling op dat er momenteel nog meer zaken van [appellant] aanhangig zijn bij de Afdeling. Gelet hierop wordt met een voortgezette werkwijze van [appellant] misbruik van recht op een later moment mogelijk wel aangenomen.

Conclusie

4. Het hoger beroep is ongegrond. De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank.

5. De CEA hoeft geen proceskosten te betalen.

Overschrijding redelijke termijn

6. [appellant] heeft verzocht om vergoeding van immateriële schade in verband met de overschrijding van de redelijke termijn, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM).

6.1. De redelijke termijn, die uitgangspunt is voor de afdoening van bestuursrechtelijke geschillen die bestaan uit een bezwaarprocedure en twee rechterlijke instanties, is in dit geval vier jaar. De redelijke termijn vangt aan op het moment waarop het bestuursorgaan het bezwaarschrift heeft ontvangen. Zie de uitspraak van de Afdeling van 18 januari 2023, ECLI:NL:RVS:2023:155, onder 6.2.

6.2. De redelijke termijn is gestart vanaf het moment dat de CEA het bezwaarschrift op 9 maart 2022 heeft ontvangen. Dat betekent dat de redelijke termijn op die datum is begonnen en verloopt op 9 maart 2026. De procedure is geëindigd met de uitspraak van de Afdeling van vandaag. De procedure heeft dus in totaal ruim vier jaar en twee maanden geduurd. Dit betekent dat de redelijke termijn met twee maanden is overschreden. Met een forfaitair bedrag van € 500,00 per half jaar dat de redelijke termijn is overschreden, waarbij het totaal naar boven wordt afgerond, bedraagt de aan [appellant] toe te kennen schadevergoeding in totaal € 500,00. Omdat de rechtbank [appellant] al een bedrag van € 500,00 heeft toegekend voor overschrijding van de redelijke termijn in beroep, bestaat geen aanleiding om [appellant] een aanvullende schadevergoeding toe te kennen. Het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn, zoals bedoeld in artikel 6 van het EVRM, wordt daarom afgewezen.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. bevestigt de aangevallen uitspraak;

II. wijst het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn af.

Aldus vastgesteld door mr. C.H. Bangma, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. C.D. Westerbaan, griffier.

w.g. Bangma

voorzitter

w.g. Westerbaan

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 13 mei 2026

1050

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. C.D. Westerbaan

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand