202402453/1/A3.
Datum uitspraak: 20 mei 2026
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak op het hoger beroep van:
[appellant], wonend in Den Haag,
appellant,
tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 26 februari 2024 in zaak nr. 23/3714 in het geding tussen:
[appellant]
en
het college van burgemeester en wethouders van Tilburg.
Procesverloop
Bij besluit van 22 november 2022 heeft het college het verzoek op grond van de Wet open overheid (Woo) van [appellant] afgewezen.
Bij besluit van 16 mei 2023 heeft het college het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 26 februari 2024 heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Tegen deze uitspraak heeft [appellant] hoger beroep ingesteld.
Het college heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.
De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 27 maart 2026, waar [appellant] en het college, vertegenwoordigd door mr. A.M.J. van den Biggelaar en C.M.J. Krol, zijn verschenen.
Overwegingen
Inleiding
1. [appellant] heeft het college bij brief van 1 juli 2022 op grond van de Woo verzocht om openbaarmaking van alle documenten met betrekking tot de door de gemeente Tilburg verstrekte bijstandsuitkeringen, die door de gemeentelijke sociale dienst eerst zijn verstrekt en die nadien (gedeeltelijk) zijn teruggevorderd. Het verzoek gaat over de periode van 1 januari 2017 tot en met 30 juni 2022. Bij brief van 4 augustus 2022 heeft [appellant] op verzoek van het college nader toegelicht dat zijn verzoek betrekking heeft op alle documenten die relevant zijn, waaronder beschikkingen, terugvorderingsbeschikkingen en documenten waarin de staat van de terugbetalingen is opgenomen.
2. Na overleg met [appellant], heeft het college bij brief van 30 augustus 2022 een overzicht verstrekt van de aantallen vorderingen per jaar, onderverdeeld in bedragen, en de gemiddelde aflossingstermijnen. [appellant] heeft hierop aan het college laten weten niet tevreden te zijn met de verstrekte gegevens en daarom zijn Woo-verzoek te handhaven.
3. Bij besluit van 22 november 2022 heeft het college het Woo-verzoek van [appellant] afgewezen, omdat deze betrekking heeft op gegevens die onder de reikwijdte van de Participatiewet (Pw) vallen. Deze gegevens zijn op basis van artikel 8.8 van de Woo uitgezonderd van openbaarmaking op verzoek op basis van artikel 4.1 van de Woo.
Uitspraak van de rechtbank
4. De rechtbank heeft geoordeeld dat het college terecht het Woo-verzoek van [appellant] heeft afgewezen. Het gaat om gegevens die onder de geheimhoudingsplicht van de Pw vallen en waarop artikel 4.1 van de Woo niet van toepassing is, omdat de Pw als bijzondere wet openbaarmaking voorgaat op de Woo. De uitzondering die artikel 65 van de Pw kent voor gegevens die niet herleidbaar zijn tot natuurlijke personen, is niet van toepassing op de opgevraagde gegevens. Het gaat namelijk om beschikkingen, die naar hun aard persoonsgebonden zijn en persoonsgegevens bevatten. Dit verandert niet als de documenten worden geanonimiseerd, aldus de rechtbank.
Gronden van het hoger beroep
5. [appellant] is het niet eens met het oordeel van de rechtbank dat het college zijn Woo-verzoek terecht heeft afgewezen. Weliswaar vallen gegevens die te maken hebben met de uitvoering van de Pw onder een geheimhoudingplicht, maar dat geldt niet voor gegevens die niet herleidbaar zijn tot natuurlijke personen. De documenten waar het om gaat, kunnen volgens [appellant] worden geanonimiseerd zodat ze niet meer herleidbaar zijn. Daarbij is relevant dat het gaat om documenten over een groot aantal personen. [appellant] betoogt ook dat het college uit eigen beweging had moeten beoordelen of de gevraagde gegevens openbaar konden worden gemaakt op basis van de Pw in plaats van de Woo.
Wettelijk kader
6. Voor de relevante wet- en regelgeving wordt verwezen naar de bijlage. Deze maakt deel uit van de uitspraak.
Beoordeling van het hoger beroep
7. Artikel 65, eerste lid, van de Pw luidt als volgt:
"Het is een ieder verboden hetgeen hem uit of in verband met enige werkzaamheid bij de uitvoering van deze wet over de persoon of zaken van een ander blijkt of wordt meegedeeld, verder bekend te maken dan voor de uitvoering van deze wet noodzakelijk is dan wel op grond van deze wet is voorgeschreven of toegestaan."
De Afdeling is met de rechtbank van oordeel dat artikel 65 van de Pw van toepassing is op de documenten waar het Woo-verzoek van [appellant] betrekking op heeft. Anonimiseren van deze documenten leidt er niet toe dat om die reden geen sprake meer is van onder deze bepaling vallende informatie. Omdat artikel 4.1 van de Woo niet van toepassing is voor zover artikel 65 van de Pw geldt, kan een informatieverzoek op basis van de Woo niet leiden tot openbaarmaking van deze documenten.
8. Anders dan [appellant] betoogt, heeft het college uit eigen beweging beoordeeld of de documenten waar zijn Woo-verzoek betrekking op heeft, op grond van de Pw geopenbaard konden worden. Met de rechtbank volgt de Afdeling het college in de conclusie dat het gaat om documenten die onder de geheimhoudingsplicht van artikel 65 van de Pw vallen en waarop de uitzondering van artikel 65, tweede lid, onder c, van de Pw niet van toepassing is. Het gaat namelijk om documenten die naar hun aard persoonsgebonden zijn en daarom vallen onder de geheimhoudingsplicht van de Pw. De uitzondering op deze geheimhoudingsplicht die geldt voor gegevens die niet herleidbaar zijn tot natuurlijke personen, is niet van toepassing op de beschikkingen die [appellant] heeft opgevraagd. Als [appellant] zou worden gevolgd in zijn betoog dat de beschikkingen zodanig kunnen worden aangepast dat deze niet meer onder de geheimhoudingsplicht van de Participatiewet vallen, zou deze geheimhoudingsplicht worden uitgehold.
9. Het betoog slaagt niet.
Conclusie
10. Het hoger beroep is ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. C.H. Bangma, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. M.A. Koetsjarjan-de Bie, griffier.
w.g. Bangma
lid van de enkelvoudige kamer
w.g. Koetsjarjan-de Bie
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 20 mei 2026
1032
BIJLAGE
Wettelijk kader
Wet open overheid
Artikel 4.1.
1. Eenieder kan een verzoek om publieke informatie richten tot een bestuursorgaan of een onder verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan werkzame instelling, dienst of bedrijf. In het laatste geval beslist het verantwoordelijke bestuursorgaan op het verzoek.
[…]
Artikel 8.8.
De artikelen 3.1, 3.3, 4.1, 5.1, eerste, tweede en vijfde lid, en 5.2 zijn niet van toepassing op informatie waarvoor een bepaling geldt die is opgenomen in de bijlage bij deze wet.
Bijlage bij artikel 8.8 van de Wet open overheid
De artikelen 3.1, 3.3, 4.1, 5.1, eerste, tweede en vijfde lid, en 5.2 van de Wet open overheid zijn niet van toepassing voor zover de volgende bepalingen gelden.
[…]
• Participatiewet: artikel 65
[…]
Participatiewet
Artikel 65.
1. Het is een ieder verboden hetgeen hem uit of in verband met enige werkzaamheid bij de uitvoering van deze wet over de persoon of zaken van een ander blijkt of wordt meegedeeld, verder bekend te maken dan voor de uitvoering van deze wet noodzakelijk is dan wel op grond van deze wet is voorgeschreven of toegestaan.
2. Het in het eerste lid vervatte verbod is niet van toepassing indien:
a. enig wettelijk voorschrift tot bekendmaking verplicht;
b. degene op wie de gegevens betrekking hebben schriftelijk heeft verklaard tegen de verstrekking van deze gegevens geen bezwaar te hebben;
c. de gegevens niet herleidbaar zijn tot individuele natuurlijke personen.
3. Ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek of statistiek kunnen desgevraagd gegevens aan derden worden verstrekt voorzover de persoonlijke levenssfeer van de betrokkenen daardoor niet onevenredig wordt geschaad.
4. Degene die op grond van de artikelen 63 tot en met 68 gegevens verstrekt dient na te gaan of degene aan wie de gegevens worden verstrekt redelijkerwijs bevoegd is te achten om die gegevens te verkrijgen.