ECLI:NL:RVS:2026:307

ECLI:NL:RVS:2026:307, Raad van State, 19-01-2026, BRS.26.000310

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 19-01-2026
Datum publicatie 21-01-2026
Zaaknummer BRS.26.000310
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Voorlopige voorziening

Samenvatting

Bij besluit van 17 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

Uitspraak

BRS.26.000310

ECLI:NL:RVS:2026:307

Datum uitspraak: 19 januari 2026

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van:

[verzoeker],

verzoeker,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 20 november 2025 in zaak nr. NL25.46070 in het geding tussen:

[verzoeker]

en

de minister van Asiel en Migratie.

Procesverloop

Bij besluit van 17 september 2025 heeft de minister een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

Bij uitspraak van 20 november 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld.

Verzoeker heeft op 16 januari 2026 met het oog op artikel 72, derde lid, van de Vw 2000 bezwaar gemaakt tegen de feitelijke overplaatsing naar een vrijheidsbeperkende locatie op 19 januari 2026. Voorts heeft hij de voorzieningenrechter van de rechtbank verzocht om de voorlopige voorziening te treffen dat hij in een reguliere opvanglocatie mag blijven. De griffier van de rechtbank heeft dit verzoek op 16 januari 2026 doorgezonden naar de Afdeling.

Overwegingen

1. Op dit moment heeft de Afdeling in hoger beroep nog geen uitspraak gedaan over de rechtmatigheid van het besluit van 17 september 2025. De Afdeling merkt het bezwaar tegen de feitelijke overplaatsing naar een vrijheidsbeperkende locatie aan als een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening. Vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 21 februari 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ2788, onder 1.2.

2. Gelet op wat is aangevoerd, treft de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening (uitspraak van de Afdeling van 20 februari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:457).

3. De minister moet de proceskosten vergoeden.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. bepaalt bij wijze van voorlopige voorziening dat verzoeker niet mag worden overgeplaatst naar een vrijheidsbeperkende locatie, totdat op het door hem ingestelde hoger beroep is beslist;

II. veroordeelt de minister van Asiel en Migratie tot vergoeding van bij verzoeker in verband met de behandeling van het verzoek opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 934,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

Aldus vastgesteld door mr. J.Th. Drop, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.M. Mercelina, griffier.

w.g. Drop

voorzieningenrechter

w.g. Mercelina

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 19 januari 2026

938-1046

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. M.M. Mercelina

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?