ECLI:NL:RVS:2026:4881

ECLI:NL:RVS:2026:4881

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 19-08-2026
Datum publicatie 19-08-2026
Zaaknummer BRS.26.004145
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Voorlopige voorziening

Samenvatting

Bij besluit van 10 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

Uitspraak

BRS.26.004145

ECLI:NL:RVS:2026:4881

Datum uitspraak: 19 augustus 2026

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van:

[verzoeker],

verzoeker,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht, van 21 juli 2026 in zaak nr. NL25.36072 in het geding tussen:

[verzoeker]

en

de minister van Asiel en Migratie.

Procesverloop

Bij besluit van 10 juli 2025 heeft de minister een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

Bij uitspraak van 21 juli 2026 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Overwegingen

1. Verzoeker heeft op 9 augustus 2026 hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank van 21 juli 2026 en de voorzieningenrechter verzocht om bij wijze van voorlopige voorziening te bepalen dat zijn voorgenomen beëindiging van verstrekkingen op 19 augustus 2026 achterwege blijft. Alleen al omdat de hogerberoepstermijn nog niet is verstreken, treft de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening.

2. De voorzieningenrechter kan, ook ambtshalve, deze voorlopige voorziening opheffen of wijzigen, voordat op het door verzoeker ingestelde hoger beroep is beslist (artikel 8:87, eerste lid, van de Awb).

3. De minister moet de proceskosten vergoeden.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. bepaalt bij wijze van voorlopige voorziening dat verzoeker niet wordt uitgezet, totdat op het door hem ingestelde hoger beroep is beslist;

II. veroordeelt de minister van Asiel en Migratie tot vergoeding van bij verzoeker in verband met de behandeling van het verzoek opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 934,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

Aldus vastgesteld door mr. H.G. Sevenster, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. S. van Driesten, griffier.

w.g. Sevenster

voorzieningenrechter

w.g. Van Driesten

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 19 augustus 2026

1048

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. S. van Driesten

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand