ECLI:NL:RVS:2026:5090

ECLI:NL:RVS:2026:5090

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 28-08-2026
Datum publicatie 30-08-2026
Zaaknummer 202602438/1/A2
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig

Samenvatting

Bij beslissing van 15 april 2026 heeft de selectiecommissie Geneeskunde aan [appellante] het rangnummer 703 toegekend. Bij beslissing van 10 juni 2026 heeft het college van bestuur van de Universiteit Utrecht het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. [appellante] heeft zich ingeschreven voor de bacheloropleiding Geneeskunde aan de Universiteit Utrecht. Dit is een opleiding met een numerus fixus. Dit betekent dat er een maximum is gesteld aan het aantal studenten dat kan worden toegelaten tot de opleiding. Voor het studiejaar 2026-2027 hebben zich 1408 kandidaten aangemeld. Het rangnummer van de kandidaten wordt op twee manieren bepaald. De eerste 59 rangnummers worden toegekend aan de kandidaten met de beste score op de kennistoets. De andere kandidaten krijgen een rangnummer op basis van loting. [appellante] heeft op basis van loting het rangnummer 703 gekregen. Met dit rangnummer maakt zij geen aanspraak op een opleidingsplek. [appellante] is het niet eens met de wijze waarop haar rangnummer tot stand is gekomen. Tijdens de selectiedag heeft zij te maken gehad met twee technische problemen die van invloed zijn geweest op haar prestaties.

Uitspraak

202602438/1/A2.

Datum uitspraak: 28 augustus 2026

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellante],

appellante,

en

het college van bestuur van de Universiteit Utrecht,

verweerder.

Procesverloop

Bij beslissing van 15 april 2026 heeft de selectiecommissie Geneeskunde aan [appellante] het rangnummer 703 toegekend.

Bij beslissing van 10 juni 2026 heeft het college het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Op 17 juni 2026 heeft [appellante] een het college verzocht om herziening van de beslissing van 10 juli 2026.

Bij beslissing van 4 augustus 2026 heeft het college het herzieningsverzoek afgewezen.

Tegen de beslissingen van 10 juni en 4 augustus 2026 heeft [appellante] beroep ingesteld.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

[appellante] heeft een nader stuk overgelegd.

De Afdeling heeft de zaak op een zitting behandeld op 27 augustus 2026, waar [appellante], bijgestaand door C.J.A. van Vliet, rechtsbijstandverlener in Markelo en het college, vertegenwoordigd door mr. M.M. Hoppenbrouwers en drs. H.B. Berk, zijn verschenen.

Overwegingen

Inleiding

1. [appellante] heeft zich ingeschreven voor de bacheloropleiding Geneeskunde aan de Universiteit Utrecht. Dit is een opleiding met een numerus fixus. Dit betekent dat er een maximum is gesteld aan het aantal studenten dat kan worden toegelaten tot de opleiding. Voor het studiejaar 2026-2027 hebben zich 1408 kandidaten aangemeld. Het rangnummer van de kandidaten wordt op twee manieren bepaald. De eerste 59 rangnummers worden toegekend aan de kandidaten met de beste score op de kennistoets. De andere kandidaten krijgen een rangnummer op basis van loting. [appellante] heeft op basis van loting het rangnummer 703 gekregen. Met dit rangnummer maakt zij geen aanspraak op een opleidingsplek.

2. [appellante] is het niet eens met de wijze waarop haar rangnummer tot stand is gekomen. Tijdens de selectiedag heeft zij te maken gehad met twee technische problemen die van invloed zijn geweest op haar prestaties. Allereerst werkte de voorleesfunctie van de computer niet goed, waardoor zij de informatie niet goed kon verstaan. Nadat zij dit had aangegeven heeft zij een andere plek gekregen waar de voorleesfunctie wel naar behoren werkte. Dit heeft echter gezorgd voor onrust en tijdsdruk waardoor zij zich tijdens de toets lastig kon focussen. Daarnaast werkte haar toetsenbord niet naar behoren tijdens het gedeelte waarbij de kandidaten moesten reflecteren op aspecten van motivatie. Zij heeft de toets wel afgemaakt, maar dit vormde voor haar een aanzienlijke belemmering.

Besluitvorming

3. Het college heeft in navolging van het advies van de geschillenadviescommissie het bezwaar van [appellante] bij beslissing van 10 juni 2026 ongegrond verklaard. Volgens het college heeft [appellante] aangegeven dat de technische problemen binnen vijftien minuten waren opgelost. Hoewel de hierdoor veroorzaakte stress ongetwijfeld belastend moet zijn geweest voor [appellante] en haar heeft gehinderd, verklaren deze omstandigheden niet het grote verschil in punten tussen [appellante] en de beste 59 kandidaten. Zo had [appellante] minstens negentien vragen meer goed moeten beantwoorden om voor directe plaatsing in aanmerking te komen om een score van 34 te bereiken. De score van [appellante] was 15,06. De overige toetsonderdelen, waaronder het motivatie-onderdeel, hebben geen rol gespeeld bij de plaatsing in de lotingcategorie. De technische problemen die [appellante] heeft ervaren met haar toetsenbord, hebben daarom geen invloed gehad op de uitkomst van de selectie- en lotingsprocedure.

4. Bij e-mails van 15 en 17 juni 2026 heeft [appellante] een feitelijke onjuistheid in het advies aangekaart bij de geschillenadviescommissie. Volgens haar wordt ten onrechte in het advies gesteld dat zij een uur en vijftig minuten had voor het maken van de eerste twee toetsen. Zij benadrukt dat de technische problemen zich enkel hebben voorgedaan tijdens de kennistoets. Daarvoor had zij 58 minuten. De vijftien minuten die zij kwijt was aan de technische problemen betreft een kwart van haar toetstijd. Zij heeft de geschillenadviescommissie gevraagd of deze informatie aanleiding geeft om het advies of de onderliggende beoordeling te bezien, of dat het uitgebrachte advies ongewijzigd blijft en uitsluitend nog een eventueel beroep bij de Raad van State openstaat.

5. Naar aanleiding van deze e-mailberichten heeft de geschillenadviescommissie de selectiecommissie om een reactie gevraagd omdat het advies en de beslissing van het college heroverwogen dienen te worden. Op 21 juli 2026 heeft de geschillenadviescommissie het college geadviseerd om het verzoek om herziening af te wijzen, omdat de duur van de toetsen bekend was bij de geschillenadviescommissie gedurende de behandeling van de zaak. Door [appellante] zijn geen nieuwe feiten of omstandigheden aangegeven die een herziening van het advies zouden rechtvaardigen.

6. Hierop heeft [appellante] op 4 augustus 2026 beroep ingesteld tegen de beslissingen van 10 juni en 4 augustus 2026.

Het beroep en de beoordeling daarvan

Ontvankelijkheid van het beroep tegen de beslissing van 10 juni 2026

7. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat het beroep van [appellante], voor zover dit is gericht tegen de beslissing van 10 juni 2026, niet-ontvankelijk is omdat dit buiten de beroepstermijn van zes weken is ingediend.

8. Hiertegen heeft [appellante] verschillende argumenten aangevoerd waarom de termijnoverschrijding verschoonbaar is. Allereerst stelt zij zich op het standpunt dat het college haar e-mail van 17 juni 2026 ten onrechte heeft aangemerkt als een verzoek om herziening. Uit de e-mail van 17 juni 2026 volgt volgens [appellante] genoegzaam dat zij het niet eens is met de inhoud van het advies en de daaropvolgende beslissing op bezwaar. De geschillenadviescommissie had dit schrijven op grond van artikel 6:15 van de Algemene wet bestuursrecht (de Awb) moeten doorzenden naar de Afdeling. Daarnaast blijkt volgens [appellante] uit de e-mail van de geschillenadviescommissie van 18 juni 2026 dat het onderzoek is heropend, waardoor de beslissing van 10 juni 2026 als ingetrokken moet worden beschouwd. Ook zou de geschillenadviescommissie haar hebben ontraden om in beroep te gaan. Ten slotte betoogt [appellante] dat de overschrijding van de beroepstermijn het gevolg is van het handelen van het college.

9. Naar het oordeel van de Afdeling is het beroep van [appellante] tegen de beslissing van 10 juni 2026 niet-ontvankelijk. Zij zal dit oordeel hierna toelichten.

9.1. Een termijnoverschrijding is verschoonbaar als redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest. Dit staat in artikel 6:11 van de Awb. Ten eerste is daarvoor vereist dat de termijnoverschrijding niet aan de indiener kan worden toegerekend. Ten tweede is vereist dat het bezwaarschrift of beroepschrift zo spoedig mogelijk is ingediend als redelijkerwijs kon worden verlangd. Een termijnoverschrijding kan niet aan de indiener worden toegerekend als er bijzondere omstandigheden zijn bij de indiener, of als de termijnoverschrijding is veroorzaakt door het handelen of nalaten van het bestuursorgaan. Er kunnen ook andere redenen zijn waardoor de termijnoverschrijding niet aan de indiener kan worden toegerekend. Daarbij wordt een op het individuele geval gerichte, contextuele benadering gevolgd. Bijzondere omstandigheden bij de indiener kunnen persoonlijke omstandigheden of externe omstandigheden zijn. Als de indiener als gevolg van deze omstandigheden geen verwijt kan worden gemaakt van de termijnoverschrijding, kan de termijnoverschrijding niet aan de indiener worden toegerekend. Daarnaast is er ruimte om in gevallen waarin sprake is van een slechts geringe verwijtbaarheid met betrekking tot de termijnoverschrijding, deze niet aan de indiener toe te rekenen. Of sprake is van een geringe verwijtbaarheid is afhankelijk van de omstandigheden van het geval.

9.2. Op grond van artikel 6:7 van de Awb bedraagt de termijn voor het indienen van een beroepschrift zes weken. Dit betekent dat [appellante] tot uiterlijk 22 juli 2026 de tijd had om (pro-forma) beroep in te stellen bij de Afdeling. Zij is op deze mogelijkheid gewezen in de beslissing van 10 juni 2026 en uit haar e-mail van 17 juni 2026 blijkt ook dat zij van de beroepsmogelijkheid bij de Afdeling op de hoogte is.

9.3. Anders dan [appellante] betoogt heeft de geschillenadviescommissie de e-mail van 17 juni 2026 niet hoeven aanmerken als beroepschrift. Hoewel [appellante] in haar e-mail tot uitdrukking brengt dat zij het op een inhoudelijk punt niet eens is met het advies, bevat deze e-mail geen aanknopingspunten dat [appellante] hiermee daadwerkelijk heeft beoogd om beroep in te stellen. Uit de e-mail volgt juist dat [appellante] weloverwogen dit verzoek bij de geschillenadviescommissie neerlegt alvorens eventueel beroep in te stellen bij de Afdeling.

9.4. Daarnaast kan de beslissing van 10 juni 2026 niet als ingetrokken worden beschouwd. Alleen het bestuursorgaan dat de beslissing heeft genomen kan overgaan tot intrekking van die beslissing. Naast dat de e-mail van 18 juni 2026 geen enkel aanknopingspunt bevat dat de beslissing van 10 juni 2026 zou zijn ingetrokken, is deze e-mail ook afkomstig van de geschillenadviescommissie en niet van het college.

9.5. Ook in de andere door [appellante] geschetste omstandigheden ziet de Afdeling geen aanleiding om de termijnoverschrijding verschoonbaar te achten. Hoewel de Afdeling met [appellante] constateert dat de definitieve reactie van het college op haar verzoek lang op zich heeft laten wachten, betekent dit niet dat de termijnoverschrijding door het college is veroorzaakt. Van [appellante] mocht in dit geval worden verwacht dat zij handelingen zou verrichten om de beroepstermijn te waarborgen. Zij had (pro-forma) beroep in kunnen stellen op het moment dat eventuele vervolgstappen door het college te lang op zich laten wachten om zo haar beroepsmogelijkheid veilig te stellen. Dit heeft zij echter niet gedaan.

9.6. Voorgaande betekent dat de Afdeling niet toekomt aan een inhoudelijke beoordeling van de beslissing van 10 juni 2026.

De beslissing van 4 augustus 2026

10. Uit de beslissing van het college leidt de Afdeling af dat hij het verzoek om herziening met overeenkomstige toepassing van artikel 4:6 van de Awb heeft afgewezen, omdat [appellante] geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die tot een ander besluit zouden moeten leiden. De duur van de toetsen en de tijd die [appellante] stelt kwijt te zijn geraak als gevolg van technische problemen was bij het college bekend ten tijde van de besluitvorming.

11. [appellante] heeft in beroep geen gronden aangevoerd waarom deze beslissing niet juist is. De Afdeling kan zich vinden in het oordeel van het college. Het beroep is daarom ongegrond.

12. Ten overvloede merkt de Afdeling op dat zij op de zitting uitgebreid met partijen heeft stilgestaan bij het logbestand. In dit bestand is op de seconde nauwkeurig aangegeven welke handelingen zijn verricht op het account van [appellante]. Op basis van deze bespreking en de informatie uit het logbestand concludeert de Afdeling dat [appellante] na ongeveer tien minuten heeft gewisseld naar een andere computer en dat zij minder dan de beschikbare tijd heeft gebruikt voor het maken van de toets. De door haar ondervonden hinder is daarom gering geweest en het college kon zich daarom op het standpunt stellen dat niet aannemelijk is dat zij zonder technische problemen de vereiste score voor directe plaatsing had gehaald.

Conclusie

13. Het beroep tegen de beslissing van 10 juni 2026 is niet-ontvankelijk en het beroep tegen de beslissing van 4 augustus 2026 is ongegrond.

14. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. verklaart het beroep tegen de beslissing van 10 juni 2026 niet-ontvankelijk;

II. verklaart het beroep tegen de beslissing van 4 augustus 2026 ongegrond.

Aldus vastgesteld door mr. J.Th. Drop, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. A.S. Rietveld, griffier.

w.g. Drop

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Rietveld

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 28 augustus 2026

1064

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. A.S. Rietveld

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand