202504710/1/A3.
Datum uitspraak: 14 oktober 2026
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak op het hoger beroep van:
Archimede Holding B.V., Archimede Trading B.V., Archimede Real Estate B.V., 2Clever Homeshopping B.V., allemaal gevestigd in Susteren, gemeente Echt-Susteren, en [appellant, wonend in [woonplaats] (België),
appellanten (hierna ook gezamenlijk en in enkelvoud: Archimede),
tegen de uitspraak van de rechtbank Limburg van 31 juli 2025 in zaak nr. 25/1361 in het geding tussen:
Archimede
en
de burgemeester van Echt-Susteren.
Procesverloop
Bij besluit van 3 februari 2025 heeft de burgemeester onder aanzegging van bestuursdwang gelast het lokaal aan de Rangeerweg 6 in Susteren (het bedrijfspand) te sluiten voor de duur van zes maanden.
Bij besluit van 27 mei 2025 heeft de burgemeester het door Archimede daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 31 juli 2025 heeft de rechtbank het door Archimede daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Tegen deze uitspraak heeft Archimede hoger beroep ingesteld.
De burgemeester heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.
De Afdeling heeft de zaak op een zitting behandeld op 3 juni 2026, waar Archimede, vertegenwoordigd door [appellant], bijgestaan door mr. S.J.H.G.M. Schils, advocaat in Urmond, en de burgemeester, vertegenwoordigd door mr. F.A. Pommer, advocaat in Nijmegen, vergezeld door mr. R.M.M. Engelen en C.I. Stolks, zijn verschenen.
Overwegingen
Inleiding
1. Archimede Real Estate B.V. is eigenaar van en gevestigd in het bedrijfspand. Op 10 september 2024 hebben toezichthouders van de gemeente Echt-Susteren een bestuurlijke controle uitgevoerd in het bedrijfspand. Uit een bestuurlijke rapportage daarover volgt dat op 5 december 2023 in een ander pand in de gemeente Echt-Susteren een growshop is aangetroffen. Dit pand is gesloten op grond van de Opiumwet. De eigenaar van deze growshop heeft verklaard dat hij de spullen, die te relateren zijn aan hennepteelt, heeft gekocht bij Archimede. Tijdens de bestuurlijke controle van 10 september 2024 zijn in het bedrijfspand van Archimede grote handelshoeveelheden van de volgende stoffen en producten aangetroffen: stektrays (geschikt om planten op te kweken) en stekpotjes, ventilatoren, ventilatiebuizen, slakkenhuizen (een afzuigventilator die de geur van hennep kan afdrijven), waterslangen, sealbags, gripzakken, geldtelmachines, droognetten, koolstoffilters, potgrond, groeimiddelen, kweekpotten, waterreservoirs, en andere producten die gebruikt kunnen worden bij de teelt van hennepplanten.
2. Met het besluit van 3 februari 2025 heeft de burgemeester op grond van artikel 13b, eerste lid, aanhef en onder b, van de Opiumwet en in overeenstemming met artikel 2, eerste lid, van het Besluit van de burgemeester van de gemeente Echt-Susteren houdende regels omtrent bestuursrechtelijke handhaving Opiumwet (Damoclesbeleid Echt-Susteren 2020) besloten dat het bedrijfspand gesloten wordt voor de duur van zes maanden. Volgens de burgemeester kunnen met de aangetroffen, grote handelshoeveelheid goederen vele illegale hennepplantages worden opgezet en onderhouden, en een groot aantal growshops worden gefaciliteerd. In het bedrijfspand zijn ook geldtelmachines aangetroffen die wijzen op transacties met grote hoeveelheden contant geld, zoals gebruikelijk in de drugswereld. De aard, de grote hoeveelheid en de samenstelling van de goederen wijzen op een verband met beroeps- of bedrijfsmatige illegale hennepteelt. Daarom is er volgens de burgemeester een vermoeden dat in het bedrijfspand een overtreding van artikel 11a van de Opiumwet is gepleegd.
3. Archimede heeft tegen het besluit tot sluiting bezwaar gemaakt en de rechtbank verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter van de rechtbank heeft met de uitspraak van 20 maart 2025, ECLI:NL:RBLIM:2025:2613, dit verzoek toegewezen en het besluit tot sluiting geschorst tot twee weken na bekendmaking van het besluit op bezwaar, met dien verstande dat vanaf twee weken na de uitspraak van de voorzieningenrechter niet meer de volgende goederen in het bedrijfspand aanwezig mogen zijn: geldtelmachines, sealbags, gripzakken, ventilatoren, ventilatiebuizen, slakkenhuizen en voedingsmiddelen die voor hennepplanten kunnen worden gebruikt in hoeveelheden van 10 liter.
4. Op 8 april 2025 is een tweede bestuurlijke controle in het bedrijfspand gehouden. Daarbij is volgens de burgemeester vastgesteld dat sommige van de onder 3 genoemde goederen nog steeds in het bedrijfspand aanwezig waren. Het ging om een grote handelsvoorraad ventilatoren en grote hoeveelheden voedingsmiddelen - alleen nog in verpakkingen van 5 liter - waarvan volgens de burgemeester bekend is dat deze gebruikt worden in de grootschalige hennepteelt. De burgemeester heeft Archimede daarom op 8 april 2025 bevolen de voorraad uiterlijk 9 april 2025 te verwijderen en verwijderd te houden in overeenstemming met de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank.
5. Op 10 april 2025 bleek bij een derde bestuurlijke controle dat de handelsvoorraden ventilatoren en voedingsmiddelen nog steeds aanwezig waren in het bedrijfspand en dat voor het overige bijna alle door de voorzieningenrechter genoemde producten te koop worden aangeboden op de website www.All4Plants.com van Archimede. Hierover heeft de politie op 10 juli 2025 een bestuurlijke rapportage opgemaakt.
6. Met het besluit van 27 mei 2025 is de burgemeester bij zijn eerdere besluit gebleven. Archimede heeft hiertegen beroep ingesteld.
Rechtbankuitspraak
7. De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard. Zij heeft geoordeeld dat de burgemeester het pand mocht sluiten. Volgens de rechtbank kon de burgemeester op grond van de bevindingen uit de bestuurlijke rapportages redelijkerwijs menen dat de in het pand aangetroffen voorwerpen en stoffen door hun aard, hoeveelheid en combinatie bestemd zijn voor grootschalige hennepkwekerijen. Ook als maar een deel van de voorwerpen gebruikt kan worden voor een grootschalige hennepplantage, kan de burgemeester bevoegd zijn tot sluiting. Volgens de rechtbank heeft de burgemeester voldoende gemotiveerd dat een sluiting van het bedrijfspand in dit geval noodzakelijk is ter bescherming van het woon- en leefklimaat en het herstel van de openbare orde. Volgens de rechtbank heeft de burgemeester daarbij mogen betrekken dat het gaat om een ernstige overtreding en dat het bedrijfspand is gelegen in een voor drugscriminaliteit kwetsbaar gebied. De rechtbank vindt de sluiting niet onevenredig. Nadelige financiële gevolgen zijn inherent aan een sluiting. De burgemeester mocht het bedrijfspand sluiten zonder voorafgaande lastgeving met een begunstigingstermijn.
Hoger beroep
8. Archimede heeft de gronden van haar hoger beroep uitvoerig uiteengezet. De Afdeling bespreekt hierna de kern van deze gronden.
Bevoegdheid
9. Archimede betoogt dat de burgemeester niet bevoegd was om het bedrijfspand te sluiten. Archimede stelt dat zij geen growshop voert, maar een groothandel voor tuinartikelen met een zeer ruim assortiment. De producten die zij aanbiedt, zijn niet bedoeld voor de hennepteelt. De aangetroffen aantallen zijn niet dermate groot dat deze passen bij hennepteelt. Andere tuincentra bieden dezelfde goederen aan. Het is niet aannemelijk dat Archimede heeft geleverd aan een growshop of aan illegale hennepteelt. De twee vermeldingen in een wietgids en een online magazine maken niet dat het bedrijfspand bekend staat als distributeur van kweekartikelen voor hennepteelt, aldus Archimede.
9.1. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen, zie de uitspraak van de Afdeling van 29 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1251, onder 5.1, volgt uit de tekst van artikel 13b, eerste lid, aanhef en onder b, van de Opiumwet dat de burgemeester op grond van deze bepaling bevoegd is op te treden als in het pand voorwerpen of stoffen aanwezig zijn die bestemd zijn voor het telen of bereiden van drugs. Ook als alleen een deel van de voorwerpen voorhanden is die nodig zijn om (hard)drugs te vervaardigen, dan kan de burgemeester bevoegd zijn. Het is voor de vraag of zich artikel 13b, eerste lid, aanhef en onder b, van de Opiumwet kan worden toegepast, niet van belang of de aangeschreven persoon zelf wist of een ernstig vermoeden had dat de aangetroffen voorwerpen bestemd waren voor drugshandel. De burgemeester hoeft dit niet aannemelijk te maken. Of de aangeschreven persoon wetenschap had, en of deze verwijtbaar heeft gehandeld, kan wel relevant zijn bij de vraag of de burgemeester van zijn sluitingsbevoegdheid gebruik mocht maken.
9.2. De Afdeling stelt voorop dat Archimede de bevindingen in de bestuurlijke rapportage van 1 november 2024 niet betwist, Gelet op de in de bestuurlijke rapportage vermelde in het bedrijfspand aangetroffen situatie kon de burgemeester redelijkerwijs stellen dat in het bedrijfspand voorwerpen of stoffen aanwezig waren waarvan ernstig kan worden vermoed dat deze bestemd waren voor drugshandel. De Afdeling vindt hiertoe met name de aard, hoeveelheid en combinatie van de aangetroffen goederen van belang. Sommige goederen worden niet in reguliere tuincentra verkocht. Dit geldt bijvoorbeeld voor de vloeibare voedingsmiddelen in 5 en 10 literverpakkingen, droognetten, slakhuisventilatoren, geldtelmachines, gripzakken en sealbags. Dat Archimede ook andere goederen aanbiedt die niet of nauwelijks in de hennepteelt worden gebruikt, doet daaraan niet af, omdat dit niet opweegt tegen de aangetroffen hoeveelheden en de combinatie van goederen die wel de Afdeling verband houden met hennepteelt. Tot slot is belang dat, anders dan Archimede stelt, niet aannemelijk is dat zij alleen levert aan particulieren en legale hennepkwekerijen. De facturen van legale afnemers die Archimede heeft overgelegd dekken niet haar volledige klantenbestand en omzet. De burgemeester kon daarom redelijkerwijs vermoeden dat de aangetroffen goederen (ook) bestemd waren voor de drugshandel. De rechtbank is terecht tot dezelfde conclusie gekomen.
9.3. Het betoog slaagt niet.
Evenredigheid: noodzaak
10. Archimede betoogt dat rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de burgemeester de sluiting noodzakelijk heeft mogen achten. Volgens Archimede ligt het bedrijfspand niet in een voor drugscriminaliteit kwetsbaar gebied. Het is immers een bedrijventerrein. Er is nooit eerder een waarschuwing gegeven. Het had dan ook op de weg van de burgemeester gelegen om met een minder vergaande maatregel te komen, zoals bijvoorbeeld een verboden productenlijst. Gelet op het brede assortiment van Archimede en het feit dat de burgemeester niet wil aangeven welken producten uit het assortiment moeten om handhaving te voorkomen, kan haar geen verwijt worden gemaakt van een overtreding. In de uitspraak van de Afdeling van 16 juli 2025, ECLI:NL:RVS:2025:2922, heeft de Afdeling aangegeven van welke uitgangspunten zij zal uitgaan bij de beoordeling van de evenredigheid van besluiten op grond van artikel 13b van de Opiumwet. Hoewel deze uitspraak gaat over sluiting van woningen gelden dezelfde uitgangspunten ook voor lokalen, zoals bedrijfsruimten. Zie de uitspraak van 21 januari 2026, ECLI:NL:RVS:2026:336.
10.1. Uit de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 13b, eerste lid, aanhef en onder b, van de Opiumwet volgt dat deze bevoegdheid is bedoeld om sluiting mogelijk te maken zodra het pand een schakel vormt in de productie of distributie van drugs, ook als er (nog) geen directe gevolgen zijn voor de lokale woon- en leefomgeving. Zie Kamerstukken II 2016/17, 34 763, nr. 3, p. 3. Dit betekent dat de noodzaak van de toepassing van deze sluitingsbevoegdheid ook in dit licht moet worden beoordeeld. De sluiting moet noodzakelijk zijn om het pand als schakel in de productie- of distributieketen van drugs weg te nemen. Dit moet worden beoordeeld aan de hand van de concrete omstandigheden van het geval. Zoals hiervoor is overwogen, volgt uit de bestuurlijke rapportage dat een grote hoeveelheid goederen is aangetroffen, waarvan de burgemeester redelijkerwijs kon vermoeden dat deze (ook) bestemd waren voor drugshandel. Omdat de burgemeester op basis van de bestuurlijke rapportage redelijkerwijs aannemelijk kon achten dat de activiteiten in het bedrijfspand waren gericht op het faciliteren van illegale drugshandel, mocht hij sluiting van het pand in dit geval noodzakelijk achten. Alleen al daarom hoefde de burgemeester niet met een minder vergaande maatregel te volstaan in de vorm van een last, waarbij Archimede de verkoop van producten die geschikt zijn voor het maken en gebruiken van een hennepkwekerij moet staken en gestaakt houden. Vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 29 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1251.
10.2. Het betoog slaagt niet.
Evenredigheid: evenwichtigheid
11. Archimede betoogt dat sluiting voor haar onevenwichtig is, omdat de financiële gevolgen zeer groot en onomkeerbaar zijn. Een faillissement is onafwendbaar, aldus Archimede.
11.1. In dit geval heeft de burgemeester het algemeen belang bij sluiting zwaarder mogen laten wegen dan het financiële belang van Archimede. Gezien de grote hoeveelheden in het bedrijfspand aangetroffen goederen en de aard ervan, mocht de burgemeester ervan uitgaan dat Archimede verwijtbaar heeft gehandeld. Daarbij mocht de burgemeester betrekken dat Archimede wist dat zij goederen verkocht die in de grootschalige illegale hennepteelt kunnen worden gebruikt. Archimede liet haar afnemers immers verklaringen ondertekenen, waarmee zij verklaarden dat de goederen niet voor illegale hennepteelt zouden worden gebruikt. De financiële gevolgen, bestaande uit het verlies van inkomsten, maken de sluiting ook niet onevenwichtig, omdat deze het logische gevolg zijn van de risico’s die Archimede heeft genomen met het voeren van haar assortiment. Van onomkeerbare gevolgen van de sluiting is niet gebleken.
11.2. Het betoog slaagt niet.
Geen deugdelijk geformuleerde lastgeving?
12. Archimede betoogt dat het besluit geen deugdelijk geformuleerde lastgeving met herstelmaatregelen bevat, zodat het besluit onbevoegd en in strijd met de rechtszekerheid is genomen.
12.1. De Afdeling begrijpt dit betoog zo dat Archimede betoogt dat de burgemeester een last had moeten opleggen, waarmee sluiting van het pand kon worden voorkomen. Archimede miskent daarmee dat het sluiten van een pand in de eerste plaats tot doel heeft om met een pandgerichte maatregel overtredingen van de Opiumwet te beëindigen en herhaling te voorkomen, ook als zo’n overtreding geen direct gevaar voor de omgeving veroorzaakt. Het sluiten van een pand kan dus op zich als herstelmaatregel dienen. De burgemeester kan daarom volstaan met gelasten dat het pand moet worden gesloten en gesloten moet blijven gedurende een bepaalde periode. Dat heeft de burgemeester nu ook gedaan. De last houdt namelijk in dat het lokaal met bijbehorend perceel gelegen aan Rangeerweg 6 in Susteren voor de duur van zes maanden wordt gesloten. Het betoog dat een duidelijk geformuleerde last ontbreekt, mist feitelijke grondslag.
12.2. Het betoog slaagt niet.
Gelijkheidsbeginsel
13. Archimede betoogt dat het gelijkheidsbeginsel eraan in de weg staat dat de burgemeester handhaaft. Er zijn immers heel veel tuincentra die hoger scoren op lijst met aanwijzingen voor verbindingen met professionele drugshandel.
13.1. Uit de uitkomsten van het vergelijkend onderzoek dat Archimede heeft overgelegd volgt weliswaar dat enkele wijzen op verband met de professionele drugshandel verkrijgbaar zijn bij reguliere tuincentra, maar dit kan haar gelet op de combinatie en hoeveelheid van de aangetroffen goederen niet baten. Het gaat bij Archimede om goederen die in deze combinatie en hoeveelheid niet in reguliere tuincentra te koop zijn.
13.2. Het betoog slaagt niet.
Conclusie
14. Het hoger beroep is ongegrond. De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
15. De burgemeester hoeft geen proceskosten vergoeden.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. N. Verheij, voorzitter, en mr. M.C. Stoové en mr. J.A.W. Huijben, leden, in tegenwoordigheid van mr. A.G.L. Soetens, griffier.
w.g. Verheij
voorzitter
w.g. Soetens
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 14 oktober 2026
1072
BIJLAGE
Opiumwet
Artikel 3
Het is verboden een middel als bedoeld in de bij deze wet behorende lijst II dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid:
[…]
A. te telen, te bereiden, te bewerken, te verwerken, te verkopen, af te leveren, te verstrekken of te vervoeren;
[…]
Artikel 11
[…]
3. Hij die in de uitoefening van een beroep of bedrijf opzettelijk handelt in strijd met een in artikel 3, onder B, gegeven verbod, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vijfde categorie.
[…]
Artikel 11a
Hij die stoffen of voorwerpen bereidt, bewerkt, verwerkt, te koop aanbiedt, verkoopt, aflevert, verstrekt, vervoert, vervaardigt of voorhanden heeft dan wel vervoermiddelen, ruimten, gelden of andere betaalmiddelen voorhanden heeft of gegevens voorhanden heeft, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van een van de in artikel 11, derde en vijfde lid, strafbaar gestelde feiten, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaar of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 13b
1. De burgemeester is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang indien in een woning of lokaal of op een daarbij behorend erf:
[…]
b. een voorwerp of stof als bedoeld in artikel 10a, eerste lid, onder 3°, of artikel 11a voorhanden is.
[…]
Damoclesbeleid Echt-Susteren 2020
Artikel 2: Lokalen
Softdrugs
Lid1
Indien er bij de eerste constatering sprake is van voorbereidingshandelingen ten behoeve van de handel in softdrugs en/of het verkopen, afleveren of verstrekken dan wel daartoe aanwezig zijn van softdrugs wordt het lokaal zonder voorafgaande waarschuwing gesloten voor de duur van 6 maanden.