ECLI:NL:CRVB:2022:876

ECLI:NL:CRVB:2022:876, Centrale Raad van Beroep, 12-04-2022, 20/3446 PW e.v.

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 12-04-2022
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 20/3446 PW e.v.
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 3 zaken
Aangehaald door 4 zaken
3 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005252 BWBR0005537 BWBR0006358

Samenvatting

Misbruik van recht. Procesbelang. Bekendmaking voorwaarde voor inwerkingtreding. Dwangsom. In twee zaken gaat over het uitblijven van een besluit over bijzondere bijstand voor de kosten van griffierecht voor een procedure waarvan inmiddels vaststaat dat sprake is van misbruik van recht. Appellant heeft ook de bevoegdheid om een aanvraag om bijzondere bijstand in te dienen voor de kosten van griffierecht in voornoemde procedure gebruikt zonder redelijk doel of met een ander doel dan waartoe zij gegeven is, zodanig dat het aanwenden van die bevoegdheid blijk geeft van kwade trouw. Daarom heeft appellant misbruik gemaakt van een wettelijke bevoegdheid. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk. In andere zaken heeft de rechtbank het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard omdat appellant geen procesbelang zou hebben. Het enkele gegeven dat het beroep op betalingsonmacht op voorhand is gehonoreerd door de griffier van de rechtbank betekent niet dat appellant het nagestreefde resultaat (te weten: bijzondere bijstand voor griffierecht) niet meer kon bereiken. De rechtbank kon het beroep op betalingsonmacht immers nog (definitief) afwijzen. Nu geen sprake was van een deugdelijke verzendadministratie, heeft geen bekendmaking plaatsgevonden en is het besluit niet in werking getreden. Het dagelijks bestuur is de maximale dwangsom aan appellant verschuldigd. In andere zaken heeft de rechtbank het beroep terecht niet-ontvankelijk verklaard omdat appellant geen procesbelang meer heeft bij het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag om bijzondere bijstand voor griffierecht of rechtsbijstand. De kosten deden zich niet meer voor.

Uitspraak

Verzoek om schadevergoeding

5. Appellant heeft verzocht om schadevergoeding in de vorm van wettelijke rente. Voor een vergoeding van wettelijke rente bestaat gelet op de voorgaande overwegingen geen grond in de zaken 20/3446 PW, 20/3449 PW, 20/3451 PW, 20/3454 PW en 20/3455 PW. Voor een vergoeding van wettelijke rente bestaat wel grond in de zaken 20/3447 PW, 20/3448 PW, 20/3450 PW, 20/3452 PW en 20/3453 PW. In dat verband wordt verwezen naar het arrest van de Hoge Raad van 13 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1774 (rechtsoverweging 2.3.1).

Proceskosten

6. Gelet op 4.2.2, 4.3.2, 4.5.2, 4.7.2 en 4.8.2 bestaat aanleiding om het dagelijks bestuur te veroordelen in de proceskosten van appellant. Deze worden begroot op € 1.518,- voor in hoger beroep gemaakte proceskosten ter zake van de zittingen op 6 september 2021 en 11 oktober 2021.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep

Deze uitspraak is gedaan door A.J. Schaap, in tegenwoordigheid van B. van Dijk als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 12 april 2022.

(getekend) A.J. Schaap

(getekend) B. van Dijk

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl ABkort 2022/214 NJB 2022/1147 USZ 2022/138
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?