De feiten en de rechtsgang
Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem van 20 september 2021, waarbij namens de opgeëiste persoon hoger beroep is ingesteld tegen voormelde beslissing van die rechtbank.
Het hof heeft gezien de beslissing waarvan beroep en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de uitleveringsdetentie van de opgeëiste persoon en heeft gehoord de advocaat-generaal en de opgeëiste persoon, bijgestaan door diens raadsman mr. L. de Leon.
De beoordeling
Het hof verenigt zich niet met de beslissing waarvan beroep en de gronden waarop deze berust.
Het hof is van oordeel dat het vluchtgevaar afdoende kan worden ingeperkt door het stellen van voorwaarden, met name:
- een waarborgsom (ter hoogte van €75.000,00);
- een vast verblijfadres;
- een meldplicht bij de politie Barendrecht;
- het ingehouden blijven van het paspoort van de opgeëiste persoon.
Het hoger beroep zal worden toegewezen, met inachtneming van het vorenstaande.
De schorsingsbeschikking zal afzonderlijk worden geminuteerd.
De beslissing
Het hof:
WIJST TOE het beroep tegen de bestreden beslissing, met inachtneming van de door het hof gestelde voorwaarden,
VERNIETIGT de beslissing waarvan beroep (met inachtneming van het vorenstaande), voor zover houdende afwijzing van het verzoek tot schorsing van de uitleveringsdetentie.
Deze beschikking is gegeven op 27 oktober 2021 in raadkamer van dit hof door
mr. M.M.H.P. Houben, voorzitter,
mrs. A.M. Kengen en I.M.A. Hinfelaar, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. S. Groot als griffier.
De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de opgeëiste persoon.
Amsterdam, 27 oktober 2021,
de advocaat-generaal
GERECHTSHOF AMSTERDAM,
MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER
SCHORSINGSBESCHIKKING
Het hof heeft bij beschikking van heden in de zaak van:
[opgeëiste persoon],
geboren te [geboorteplaats] ([geboorteland]) op [geboortedag] 1970,
zonder vaste woon- of verblijfplaats,
thans verblijvende in het [detentieadres]
het beroep tegen de beslissing van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem van 15 september 2021, houdende afwijzing van het verzoek tot schorsing van de uitleveringsdetentie van de opgeëiste persoon toegewezen.
De beoordeling
Het hof acht termen aanwezig de schorsing van de uitleveringsdetentie te bevelen onder de navolgende voorwaarden.
De beslissing
Het hof:
1. SCHORST het bevel tot voorlopige hechtenis van de opgeëiste persoon onder voorwaarden, zodra door of ten behoeve van de opgeëiste persoon als zekerheid voor de nakoming van de aan de schorsing verbonden voorwaarden een bedrag van € 75.000,00, (zegge vijfenzeventigduizend euro) is bijgeschreven op rekeningnummer IBAN [rekeningnummer] (BIC code: [bic code]) t.n.v. [tnv], [adres 1], onder vermelding van bovenstaand parketnummer van deze zaak en de naam van de opgeëiste persoon, tot aan de einduitspraak van de rechtbank Amsterdam in deze zaak.
zulks onder de verdere voorwaarden dat de opgeëiste persoon:
2. indien de opheffing van de schorsing mocht worden bevolen, zich niet aan de tenuitvoerlegging van het bevel tot uitleveringsdetentie zal onttrekken;
3. ingeval hij wegens het feit waarvoor de uitleveringsdetentie is bevolen tot andere dan vervangende vrijheidsstraf mocht worden veroordeeld, zich aan de tenuitvoerlegging daarvan niet zal onttrekken;
4. bij iedere oproeping vanwege een politiële en/of justitiële instantie in persoon zal verschijnen;
5. zich niet zal schuldig maken aan strafbare feiten;
6. ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het
nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in
artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
7. zal verblijven op het adres [adres 2];
8. zich wekelijks (iedere vrijdag) meldt op het politiebureau Barendrecht te Maasstraat 28, 2991 AD Barendrecht;
9. Nederland niet zal verlaten.
Deze beschikking is gegeven op 27 oktober 2021 in raadkamer van dit hof door
mr. M.M.H.P. Houben, voorzitter,
mrs. A.M. Kengen en I.M.A. Hinfelaar, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. S. Groot als griffier.
De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de opgeëiste persoon.
Amsterdam, 27 oktober 2021,
de advocaat-generaal