ECLI:NL:HR:2002:AD9126

ECLI:NL:HR:2002:AD9126, Hoge Raad, 12-04-2002, C00/215HR

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 12-04-2002
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer C00/215HR
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2002:AD9126
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 2 zaken
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827 BWBR0001830

Samenvatting

-

Uitspraak

12 april 2002

Eerste Kamer

Nr. C00/215HR

SB

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser], wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaten: mrs. R.S. Meijer en

T.H. Tanja-van den Broek,

t e g e n

[Verweerder], wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. M.V. Polak.

1. Het verloop van het geding tot dusver

Voor het verloop van het geding tussen eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - en verweerder in cassatie - verder te noemen: [verweerder] - tot dusver verwijst de Hoge Raad naar zijn arrest van 15 maart 1996, nr. 15930, NJ 1997, 3.

Bij dit arrest heeft de Hoge Raad het beroep tegen tussenarresten van het Gerechtshof te Leeuwarden van 16 juni 1993 en 25 mei 1994 verworpen.

Na deskundigenbericht ingevolge het tussenarrest van 14 december 1994 heeft het Gerechtshof te Leeuwarden bij arrest van 19 april 2000 het vonnis van de Rechtbank te Assen van 23 oktober 1990, waarvan beroep, vernietigd en opnieuw rechtdoende [eiser] veroordeeld om aan [verweerder] te betalen een bedrag van ƒ 40.853,33, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 9 juli 1987, en het meer of anders gevorderde afgewezen.

Het arrest van het Hof van 19 april 2000 is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen laatstvermeld arrest van het Hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[Verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

[Verweerder] heeft de zaak doen toelichten door zijn advocaat.

De conclusie van de Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 552.34 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.H.M. Jansen, als voorzitter, A.G. Pos en P.C. Kop, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 12 april 2002.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl JOL 2002, 226 JWB 2002/150
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?