ECLI:NL:HR:2009:BK2083

ECLI:NL:HR:2009:BK2083, Hoge Raad, 15-12-2009, 07/10136

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 15-12-2009
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 07/10136
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2009:BK2083
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 4 zaken
Aangehaald door 3 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001903 BWBR0011470

Samenvatting

Toezegging aanhouding door Voorzitter Hof. De zaak is afgedaan, terwijl door de Voorzitter van het Hof aan de raadsman van verdachte is toegezegd dat het aanhoudingsverzoek door het Hof zou worden gehonoreerd. Daardoor heeft de zaak ten onrechte buiten de aanwezigheid van verdachte plaatsgevonden.

Uitspraak

15 december 2009

Strafkamer

nr. 07/10136

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Amsterdam, Enkelvoudige Kamer, van 14 juni 2007, nummer 23/001068-07, in de strafzaak tegen:

[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1967, wonende te [woonplaats].

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. V.C. van der Velde, advocaat te Almere, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Vellinga heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof te Amsterdam dan wel verwijzing naar een aangrenzend hof teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2. Beoordeling van het middel

2.1. Het middel bevat de klacht dat het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep ten onrechte buiten de aanwezigheid van de verdachte heeft plaatsgehad.

2.2. Tot de stukken van het geding behoren onder meer:

(i) een akte van uitreiking, gehecht aan het dubbel van de dagvaarding van de verdachte om te verschijnen op de terechtzitting van het Gerechtshof te Amsterdam van 14 juni 2007, inhoudende dat die dagvaarding op 19 april 2007 aan een huisgenoot van de verdachte is uitgereikt.

(ii) een faxbericht van de raadsman van de verdachte gericht aan de strafgriffie van het Gerechtshof te Amsterdam van 9 mei 2007 inhoudende onder meer het volgende:

"Betreft: aanhouding zitting 14-06-07 te 13.35

In belang van het onderzoek, alsmede dat van cliƫnt, [verdachte], verzoek ik u in bovengenoemde zaak om de zitting te verplaatsen naar een andere dag (...)"

(iii) een kopie van een schrijven van de griffier van het Gerechtshof te Amsterdam gericht aan de raadsman van de verdachte van 11 mei 2007 inhoudende onder meer het volgende:

"parketnummer: 23-001068-07

verdachte: [verdachte]

Weledelgestrenge heer/mevrouw,

Hierbij bericht ik u dat de behandeling van bovengenoemde strafzaak op 14 juni a.s. op uw verzoek wordt aangehouden.

(...)"

(iv) het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep van 14 juni 2007 inhoudende onder meer het volgende:

"De verdachte, gedagvaard als:

(...)

is niet verschenen.

(...)

De raadsman van verdachte (...) is evenmin ter terechtzitting aanwezig.

(...)

Op vordering van de advocaat-generaal verleent het gerechtshof verstek tegen de niet verschenen verdachte en beveelt dat met de behandeling van de zaak zal worden voortgegaan.

(...)

De raadsheer verklaart het onderzoek gesloten en spreekt het arrest uit.

(...)

Opmerking van de griffier:

Bij het opmaken van dit proces-verbaal is gebleken dat de raadsheer op voorhand heeft ingestemd met het op 9 mei 2007 door de raadsman van de verdachte per fax gedane verzoek tot aanhouding van de zaak, om in die fax vermelde redenen. De raadsman is van deze aanhouding op 11 mei 2007 schriftelijk op de hoogte gesteld."

(v) het bestreden arrest van 14 juni 2007, inhoudende dat de verdachte bij verstek is veroordeeld.

2.3. Op grond van hetgeen hiervoor onder 2.2 is weergegeven, moet worden aangenomen dat namens de Voorzitter van het Hof aan de raadsman van de verdachte is toegezegd dat het aanhoudingsverzoek door het Hof zou worden gehonoreerd en dat de behandeling van de zaak zou worden aangehouden. Dit brengt mee dat de verdachte ervan mocht uitgaan dat de zaak op 14 juni 2007 niet inhoudelijk zou worden behandeld.

2.4. Het middel is gegrond.

3. Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak;

wijst de zaak terug naar het Gerechtshof te Amsterdam, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en H.A.G. Splinter-van Kan, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 15 december 2009.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl RvdW 2010, 90
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?