ECLI:NL:HR:2012:BW6660

ECLI:NL:HR:2012:BW6660, Hoge Raad, 29-05-2012, 10/02437

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 29-05-2012
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 10/02437
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2012:BW6660
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 6 zaken
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001903 BWBR0002415

Samenvatting

Art. 416.2 Sv, n-o in h.b. Het Hof heeft de n-o mede doen steunen op de omstandigheid dat verdachte geen schriftuur houdende grieven heeft ingediend. De stukken van het geding bieden voldoende grond voor het ernstige vermoeden dat namens verdachte een schriftuur houdende grieven is ingediend doch dat het desbetreffende formulier door de Rb pas nadat de tz. in h.b. had plaatsgevonden naar het Hof is verzonden. In cassatie moet er derhalve vanuit worden gegaan dat een dergelijke schriftuur wel is ingediend.

Uitspraak

29 mei 2012

Strafkamer

nr. S 10/02437

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 26 mei 2010, nummer 23/005428-09, in de strafzaak tegen:

[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1980, ten tijde van de betekening van de aanzegging zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande.

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. R.J. Wortelboer, advocaat te Alkmaar, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof te Amsterdam teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2. Beoordeling van het middel

2.1. Het middel komt op tegen de niet-ontvankelijkverklaring door het Hof van de verdachte in zijn hoger beroep.

2.2. Het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep van 26 mei 2010 houdt het volgende in:

"De verdachte, gedagvaard als:

naam: [achternaam verdachte]

voornaam: [voornamen verdachte]

geboren te: [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1980

adres: [adres],

is niet verschenen.

De advocaat-generaal legt over een formulier waaruit blijkt dat 5 dagen voor de terechtzitting van heden en heden door middel van geautomatiseerde informatiesystemen (VIP) is gecontroleerd of verdachte in een Nederlandse penitentiaire inrichting verbleef, hetgeen niet het geval bleek te zijn.

Het gerechtshof verleent verstek tegen de niet verschenen verdachte en beveelt dat met de behandeling van de zaak zal worden voortgegaan.

De raadsheer merkt op dat in deze zaak namens de verdachte hoger beroep is ingesteld door mr. Wortelboer en dat er geen schriftuur houdende grieven is.

Desgevraagd deelt de advocaat-generaal mede dat hij het dossier heeft bestudeerd en geen aanleiding ziet te vorderen dat de zaak ter terechtzitting wordt behandeld. Hij kan zich vinden in het vonnis van de kantonrechter.

De raadsheer sluit het onderzoek en spreekt het arrest uit ter openbare terechtzitting.

Aantekening van het mondeling arrest

Voorvragen

Nu de verdachte geen schriftuur houdende grieven heeft ingediend, noch mondeling zijn bezwaren tegen het vonnis heeft opgegeven en ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te beschermen belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak zelf, verklaart het hof gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering verdachte niet ontvankelijk in het ingestelde hoger beroep."

2.3.1. Het middel behelst onder meer de klacht dat het Hof ten onrechte heeft geoordeeld dat de verdachte geen schriftuur houdende grieven als bedoeld in art. 410 Sv heeft ingediend.

2.3.2. Bij de stukken van het geding bevindt zich een kopie van een formulier "Hoger beroep" van de Rechtbank te Alkmaar van 5 november 2009. Het formulier houdt - voor zover hier van belang - het volgende in:

"Dit betreft een standaardformulier (...) waarop u grieven tegen het vonnis en/of redenen voor het instellen van hoger beroep kunt weergeven (art. 410 lid 1 en lid 4 Wetboek van Strafvordering).

Naam verdachte: [verdachte]

(...)

Namens deze mr. R.J. Wortelboer, raadsman

(...)

Datum hoger beroep: 28 oktober 2009

(...)

Ik ben niet bij de zitting aanwezig geweest, omdat: niet op de hoogte v/d zitting.

(...)

Ik heb bezwaar tegen de (hoogte van de) opgelegde straf."

Dit formulier is voorzien van een stempelafdruk inhoudende dat het formulier op 18 juni 2010 bij het Hof te Amsterdam is ingekomen.

Bij de stukken van het geding bevindt zich tevens een notitie van 6 december 2010 van de griffier van het Hof met betrekking tot de terechtzitting in hoger beroep van 26 mei 2010. Deze notitie houdt het volgende in:

"De volgende stukken zijn te laat (na de zitting) binnengekomen:

- Op 18 juni 2010: binnengekomen: de grieven van mr. Wortelboer van 5 november 2009.

(...)"

2.3.3. Het Hof heeft mede op de grond dat de verdachte geen schriftuur houdende grieven heeft ingediend, de verdachte op de voet van art. 416, tweede lid, Sv niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. De inhoud van de onder 2.3.2 genoemde stukken bieden evenwel grond voor het ernstige vermoeden dat namens de verdachte een schriftuur houdende grieven is ingediend doch dat het desbetreffende formulier door de Rechtbank pas nadat de terechtzitting in hoger beroep had plaatsgevonden, naar het Hof is verzonden. Op grond hiervan moet er in cassatie van worden uitgegaan dat een dergelijke schriftuur wel is ingediend.

2.4. Het middel slaagt in zoverre.

3. Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen, brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, het middel voor het overige geen bespreking behoeft en als volgt moet worden beslist.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak;

wijst de zaak terug naar het Gerechtshof te Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en J. de Hullu, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 29 mei 2012.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl RvdW 2012/811
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?