ECLI:NL:HR:2023:978

ECLI:NL:HR:2023:978, Hoge Raad, 27-06-2023, 21/03964

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 27-06-2023
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 21/03964
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2023:499
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 10 zaken
Aangehaald door 6 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001854 BWBR0001903

Samenvatting

Mishandeling van politieambtenaar door deze een kopstoot te geven, art. 300.1 jo 304.3 Sr. Overleggen van stukken in hoger beroep, art. 414.1 Sv. Kon hof beslissen om overleggen van stukken en kleurenfoto’s door verdachte bij zijn laatste woord niet toe te staan? HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2021:1503 m.b.t. bevoegdheid verdachte bij behandeling van zaak in h.b. nieuwe bescheiden of stukken van overtuiging over te leggen en verplichting rechter zijn beslissing te motiveren als hij van oordeel is dat beginselen van goede procesorde zich ertegen verzetten dat deze bescheiden of stukken worden overgelegd en dat die overlegging daarom niet kan worden toegestaan. Hof heeft bij beslissing om overleggen van stukken en foto’s tijdens laatste woord van verdachte niet toe te staan, slechts moment waarop verzoek is gedaan in aanmerking genomen. Hof heeft daarmee, gelet op wat hiervoor is vooropgesteld, zijn beslissing ontoereikend gemotiveerd. Volgt vernietiging terugwijzing.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 21/03964

Datum 27 juni 2023

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 22 september 2021, nummer 21-001730-18, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1964,

hierna: de verdachte.

1. Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, teneinde opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2. Beoordeling van het vijfde cassatiemiddel

Het cassatiemiddel klaagt over de beslissing van het hof om het overleggen van stukken en kleurenfoto’s door de verdachte bij het laatste woord niet toe te staan.

Het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep houdt onder meer het volgende in:

“Aan de verdachte wordt het recht gelaten het laatst te spreken. De verdachte deelt -zakelijk weergegeven- mede:

(...)

Voorts wil ik nog enkele stukken indienen en wil ik deze stukken aan het dossier toe laten voegen. Eén stuk dient om al hetgeen gevraagd en geëist opnieuw te eisen en te vragen in verband met een cassatie. Ik wil dit indienen om juridisch sterk te staan. Ook wil ik kleurfoto’s toevoegen aan het dossier ter verduidelijking van de afstanden en de toestand ter plaatse.

De voorzitter onderbreekt het onderzoek voor het houden van beraad.

De voorzitter hervat het onderzoek en deelt mede dat verdachte te laat is met het overleggen van nieuwe stukken.”

Op grond van artikel 414 lid 1, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) zijn de advocaat-generaal bij het ressortsparket en de verdachte bevoegd voor of bij de behandeling van een zaak in hoger beroep nieuwe bescheiden of stukken van overtuiging over te leggen. De uitoefening van die bevoegdheid kan in voorkomende gevallen door de rechter worden getoetst aan de eisen die voortvloeien uit de beginselen van een behoorlijke procesorde. Een algemene regel daarover valt niet te geven. Van geval tot geval zal dus moeten worden beoordeeld of aan die eisen is voldaan. Daarbij komt onder meer betekenis toe aan de (belastende dan wel ontlastende) aard van de over te leggen bescheiden of stukken en, als het gaat om belastende bescheiden of stukken, aan de (al dan niet complexe) aard van de te berechten zaak en het stadium waarin de procedure zich bevindt. Als de rechter van oordeel is dat de beginselen van een goede procesorde zich ertegen verzetten dat nieuwe bescheiden of stukken van overtuiging worden overgelegd en dat die overlegging daarom niet kan worden toegestaan, zal de rechter deze beslissing moeten motiveren. (Vgl. HR 12 oktober 2021, ECLI:NL:HR:2021:1503.)

Het hof heeft bij de beslissing om het overleggen van de stukken en de foto’s tijdens het laatste woord van de verdachte niet toe te staan, slechts het moment waarop het verzoek is gedaan in aanmerking genomen. Het hof heeft daarmee, gelet op wat onder 2.3 is vooropgesteld, zijn beslissing ontoereikend gemotiveerd.

Het cassatiemiddel slaagt.

3. Beoordeling van de overige cassatiemiddelen

Gelet op de beslissing die hierna volgt, is bespreking van de overige cassatiemiddelen niet nodig.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de uitspraak van het hof;

- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 27 juni 2023.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl SR-Updates.nl 2023-0127 NJB 2023/1786 RvdW 2023/781 JIN 2023/126 met annotatie van mr. C. van Oort
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?