ECLI:NL:HR:2026:1545

ECLI:NL:HR:2026:1545

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 03-11-2026
Datum publicatie 24-09-2026
Zaaknummer 25/00414
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2026:745
Formele relatie: ECLI:NL:GHSHE:2025:182

Samenvatting

Economische zaak. Voorhanden hebben en aan ander ter beschikking stellen van professioneel vuurwerk, art. 9.2.2.1 Wet milieubeheer. Onttrekking aan het verkeer van stroomstootwapen, art. 36d Sr. Is sprake van soortgelijke feiten a.b.i. art. 36d Sr? Onder soortgelijke feiten a.b.i. art. 36d Sr moeten worden verstaan feiten die tot dezelfde categorie behoren als door verdachte begane feiten dan wel feiten waarvan hij wordt verdacht (vgl. HR:1997:ZC9322). Gelet op bewezenverklaring heeft hof voorhanden hebben en ter beschikking aan ander stellen van professioneel vuurwerk aangemerkt als door verdachte begaan feit a.b.i. art. 36d Sr. Uit bewijsvoering volgt dat dit plaatsvond i.h.k.v. verhandelen van dit vuurwerk. Aan zijn beslissing tot onttrekking aan het verkeer van de bij gelegenheid van onderzoek naar het door verdachte begane feit aangetroffen stroomstootwapen, heeft hof ten grondslag gelegd dat “voorwerp kan dienen tot begaan of voorbereiding van soortgelijke feiten, nu handel in illegale goederen met regelmaat gepaard gaat met voorhanden hebben van wapens”. Zonder nadere motivering valt niet in te zien hoe stroomstootwapen kan dienen om soortgelijke feiten te begaan of voor te bereiden. Enkele overweging dat “handel in illegale goederen met regelmaat gepaard gaat met voorhanden hebben van wapens” is daartoe onvoldoende. Volgt (partiële) vernietiging en terugwijzing t.a.v. onttrekking aan het verkeer. CAG (strekking): vernietiging t.a.v. onttrekking aan het verkeer (zonder terugwijzing).

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 25/00414 E

Datum 3 november 2026

ARREST

op het beroep in cassatie tegen arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch, economische kamer, van 24 januari 2025, nummer 20-002860-23, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2000,

hierna: de verdachte.

1. Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat J. Sietsma bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.

De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot vernietiging van de uitspraak van het hof, maar uitsluitend wat betreft de beslissing tot onttrekking aan het verkeer van het wapen en tot verwerping van het beroep voor het overige.

2. Beoordeling van het tweede cassatiemiddel

Het cassatiemiddel klaagt over de beslissing van het hof dat het inbeslaggenomen stroomstootwapen aan het verkeer onttrokken wordt verklaard.

Het hof heeft ten laste van de verdachte bewezenverklaard dat:

“hij op 17 november 2020 te [plaats] opzettelijk, professioneel vuurwerk, bestemd voor particulier gebruik, te weten: 210 bangers, type Cobra 6 voorhanden heeft gehad en aan een ander ter beschikking heeft gesteld.”

Het hof heeft het bewezenverklaarde gekwalificeerd als overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan.

Het hof heeft over de onttrekking aan het verkeer overwogen:

“Het hierna te noemen inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven wapen, een flashlight die ook gebruikt kan worden als stroomstootwapen, aan de verdachte toebehorend, dient te worden onttrokken aan het verkeer. Het wapen is bij gelegenheid van het onderzoek naar het door de verdachte begane feit aangetroffen en het betreft een voorwerp van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet. Het hof is van oordeel dat het voorwerp kan dienen tot het begaan of de voorbereiding van soortgelijke feiten, nu de handel in illegale goederen met regelmaat gepaard gaat met het voorhanden hebben van wapens.”

Artikel 36d van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) luidt:

“Vatbaar voor onttrekking aan het verkeer zijn bovendien de aan de dader of verdachte toebehorende voorwerpen van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang, welke bij gelegenheid van het onderzoek naar het door hem begane feit, dan wel het feit waarvan hij wordt verdacht, zijn aangetroffen, doch alleen indien de voorwerpen kunnen dienen tot het begaan of de voorbereiding van soortgelijke feiten, dan wel tot de belemmering van de opsporing daarvan.”

Onder soortgelijke feiten in de zin van artikel 36d Sr moeten worden verstaan feiten die tot dezelfde categorie behoren als de door de verdachte begane feiten dan wel de feiten waarvan hij wordt verdacht (vgl. HR 6 mei 1997, ECLI:NL:HR:1997:ZC9322).

Gelet op de bewezenverklaring heeft het hof – kort gezegd – het voorhanden hebben en ter beschikking aan een ander stellen van professioneel vuurwerk aangemerkt als het door de verdachte begane feit als bedoeld in artikel 36d Sr. Uit de bewijsvoering, zoals weergegeven in de conclusie van de advocaat-generaal onder 2.3, volgt dat dit plaatsvond in het kader van het verhandelen van dit vuurwerk. Aan zijn beslissing tot de onttrekking aan het verkeer van de bij gelegenheid van het onderzoek naar het door de verdachte begane feit aangetroffen stroomstootwapen, heeft het hof ten grondslag gelegd dat “het voorwerp kan dienen tot het begaan of de voorbereiding van soortgelijke feiten, nu de handel in illegale goederen met regelmaat gepaard gaat met het voorhanden hebben van wapens”.

Zonder nadere motivering valt niet in te zien hoe het inbeslaggenomen stroomstootwapen kan dienen om soortgelijke feiten als hiervoor genoemd te begaan of voor te bereiden. De enkele overweging dat “de handel in illegale goederen met regelmaat gepaard gaat met het voorhanden hebben van wapens” is daartoe onvoldoende.

Het cassatiemiddel slaagt.

3. Beoordeling van het eerste en het derde cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

4. Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de uitspraak van het hof, maar uitsluitend wat betreft de beslissing tot onttrekking aan het verkeer van het “wapen (opschrift police, flashlight)”;

- verwerpt het beroep voor het overige.

Dit arrest is gewezen door de vice-president C. Caminada als voorzitter, en de raadsheren R. Kuiper en F. Damsteegt, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 3 november 2026.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand