HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/03883
Datum 10 februari 2026
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 augustus 2023, nummer 21-005463-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984,
hierna: de verdachte.
1. Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten E.M. Bakx en R.P. Snorn bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van de uitspraak van het hof en tot nietigverklaring van de oproeping voor de terechtzitting op 29 augustus 2023.
2. Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
Het cassatiemiddel klaagt over het oordeel van het hof dat de oproeping voor de zitting in hoger beroep van 29 augustus 2023 geldig is betekend (uitgereikt).
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 2.2 tot en met 2.6.
3. Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
Gelet op de beslissing die hierna volgt, is bespreking van het cassatiemiddel niet nodig.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- verklaart de betekening van de oproeping voor de terechtzitting in hoger beroep van 29 augustus 2023 nietig.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren C.N. Dalebout en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 februari 2026.