ECLI:NL:RBLIM:2025:11848

ECLI:NL:RBLIM:2025:11848, Rechtbank Limburg, 21-05-2025, C/03/319284 / HA ZA 23-272 en C/03/323515 / HA ZA 23-468

Instantie Rechtbank Limburg
Datum uitspraak 21-05-2025
Datum publicatie 16-12-2025
Zaaknummer C/03/319284 / HA ZA 23-272 en C/03/323515 / HA ZA 23-468
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Maastricht
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:RBLIM:2023:5396
Formele relatie: ECLI:NL:RBLIM:2025:7409

Samenvatting

Civiel recht. Hoofdzaak en vrijwaring. Verzoek tot openstellen hoger beroep tegen tussenvonnis afgewezen. Hoofdzaak bepaald voor vonnis.

Uitspraak

RECHTBANK Limburg

Civiel recht

Zittingsplaats Maastricht

Vonnis van 21 mei 2025

in de hoofdzaak met zaaknummer / rolnummer: C/03/319284 / HA ZA 23-272 van

1. [eiser sub 1]

2. [eiseres sub 2],

wonende te [woonplaats 1] ,

eisers,

hierna te noemen: [eiser sub 1] en [eiseres sub 2] , dan wel tezamen te noemen: [eisers] ,

advocaat mr. F.R. Hage,

tegen

[gedaagde, eiser in de vrijwaring] ,

wonende te [woonplaats 2] ,

gedaagde,

hierna te noemen: [gedaagde, eiser in de vrijwaring] ,

advocaat mr. T.J. Wittendorp,

en in de vrijwaringszaak met zaaknummer / rolnummer C/03/323515 / HA ZA 23-468 van

[gedaagde, eiser in de vrijwaring] ,

wonende te [woonplaats 2] ,

eiser,

hierna in vrijwaring eveneens te noemen: [gedaagde, eiser in de vrijwaring] ,

advocaat mr. T.J. Wittendorp,

tegen

[gedaagde in de vrijwaring] .,

wonende te [vestigingsplaats] ,

gedaagde,

hierna te noemen: [gedaagde in de vrijwaring] ,

advocaat mr. A.F.G. Bergmans-Jeurissen.

1. De procedure

Het verdere verloop van de procedures – voor zover relevant – blijkt uit:

- het tussenvonnis van 19 maart 2025,- de akte uitlaten van [eisers] (mr. Hage) van 2 april 2025.

Ten slotte is vonnis bepaald op heden.

2. Het verzoek ex artikel 337 lid 2 Rv

[gedaagde, eiser in de vrijwaring] heeft, in het geval de rechtbank zijn verzoek tot herstel dan wel aanvulling van het tussenvonnis van 12 februari 2025 zou afwijzen, de rechtbank verzocht tussentijds hoger beroep tegen het tussenvonnis van 12 februari 2025 toe te staan. Het onderhavige verzoek van [gedaagde, eiser in de vrijwaring] houdt in dat nog voordat de rechtbank het deskundigenonderzoek (definitief) in de hoofdzaak gelast, al in hoger beroep de vraag moet worden beoordeeld of ook in de vrijwaringszaak een deskundigenonderzoek, gelijk in de hoofdzaak, moet worden gelast. Volgens [gedaagde, eiser in de vrijwaring] moet ook [gedaagde in de vrijwaring] (als partij) bij een te gelasten deskundigenonderzoek worden betrokken. [gedaagde, eiser in de vrijwaring] acht het om proceseconomische redenen wenselijk dat in beide procedures gelijktijdig het deskundigenonderzoek wordt gelast.

[eisers] hebben bezwaar gemaakt tegen het verzoek van [gedaagde, eiser in de vrijwaring] ex artikel 337 lid 2 Rv – onder andere – omdat tussentijds hoger beroep een onredelijke en onaanvaardbare vertraging van het geding in de hoofdzaak zou opleveren.

[gedaagde in de vrijwaring] heeft, hoewel daartoe in de gelegenheid gesteld, geen akte uitlaten genomen.

3. De beoordeling in het incident

De rechtbank stelt allereerst vast dat de voorwaarde waaronder [gedaagde, eiser in de vrijwaring] het verzoek ex artikel 337 lid 2 Rv heeft gedaan, is vervuld. Bij tussenvonnis van 19 maart 2025 is zijn verzoek om verbetering respectievelijk aanvulling van het vonnis van 12 februari 2025 afgewezen. De rechtbank stelt vervolgens vast dat [gedaagde, eiser in de vrijwaring] zijn verzoek ex artikel 337 lid 2 Rv binnen de beroepstermijn en derhalve tijdig heeft gedaan.

De rechtbank zal tussentijds hoger beroep niet openstellen, nu zij in de, in het verzoek van [gedaagde, eiser in de vrijwaring] aangedragen argumenten onvoldoende grond ziet om af te wijken van het wettelijk uitgangspunt dat van een tussenvonnis geen tussentijds hoger beroep open staat (artikel 337 lid 2 Rv). De rechtbank herhaalt hetgeen zij bij tussenvonnis van 19 maart 2025 heeft overwogen (rov. 2.3.), namelijk dat zij in praktische zin zich iets bij de wens van [gedaagde, eiser in de vrijwaring] en [gedaagde in de vrijwaring] om [gedaagde in de vrijwaring] bij het onderzoek van de deskundige aanwezig te laten zijn, kan voorstellen, doch dat er formeel daarbij geen rol voor [gedaagde in de vrijwaring] is weggelegd, omdat het deskundigenbericht enkel in de hoofdzaak (in het kader van een bewijsopdracht in de hoofdzaak aan [eisers] ) zal worden bevolen.

De zaak zal gelet hierop worden voortgezet in de stand waarin deze zich bevindt, zoals hierna bepaald. Dat betekent concreet dat de zaak weer op de rol zal komen van 13 augustus 2025 voor vonnis in de hoofdzaak.

4. De beslissing

De rechtbank

in de hoofdzaak en de vrijwaringszaak

wijst het verzoek van [gedaagde, eiser in de vrijwaring] om hoger beroep open te stellen tegen het tussenvonnis van 12 februari 2025 af,

in de hoofdzaak

verstaat dat de procedure in de hoofdzaak zal worden voortgezet, in die zin dat de zaak weer op de rol zal komen van 13 augustus 2025 voor vonnis,

in de hoofdzaak en in de vrijwaringszaak

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. V.E.J. Noelmans en in het openbaar uitgesproken.

CM

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?