RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummers: 16.044605.25, 16.071899.24 (vordering tul)
vonnis tot herstel van het op 25 september 2026 uitgesproken vonnis van de rechtbank Midden-Nederland
in de zaak tegen de verdachte:
[verdachte] ,
geboren op [2008] in [geboorteplaats] ,
wonende op de [adres] in [adres] .
1. Het onderdeel van het vonnis dat moet worden hersteld
Na de uitspraakdatum is de rechtbank gebleken dat het dictum van voormeld vonnis twee fouten bevat, namelijk: (i) de naam van één van de benadeelde partijen blijkt onjuist in het dictum te zijn opgenomen en (ii) bij de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijk opgelegde werkstraf is ten onrechte de vervangende jeugddetentie niet in het dictum opgenomen.
De rechtbank zal ten behoeve van de executie van deze beslissingen het eerder uitgesproken vonnis herstellen door verbetering van het dictum.
2. De beslissing
De rechtbank:
- handhaaft haar beslissing van 25 september 2026, met herstel van een kennelijke misslagen in het dictum als volgt en wijzigt (wijzigingen dikgedrukt):
vordering tot schadevergoeding van benadeelde partij [nabestaande 4] (feit 1)
vordering tot tenuitvoerlegging voorwaardelijke straf van parketnummer 16.071899.24
- bepaalt dat de griffier dit vonnis doet hechten aan het originele vonnis van 25 september 2026 en dit vonnis per brief ter kennis doet brengen van de verdachte, de raadsvrouw, de officier van justitie en de benadeelde partij.
Dit herstelvonnis is gewezen door mr. C. van Wambeke, voorzitter, mr. H.A. Gerritse en mr. K. de Meulder, rechters, in tegenwoordigheid van mr. D. Kiestra, griffier.
De jongste rechter en de griffier zijn buiten staat dit herstelvonnis mede te ondertekenen.