5 maart 2019
Strafkamer
nr. S 18/02569
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 23 april 2018, nummer 20/000803-17, in de strafzaak tegen:
[verdachte] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1990.
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft C.M. Peeperkorn, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak maar uitsluitend wat betreft de beslissingen ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 01-088161-16 onder 1 tenlastegelegde (diefstal door twee of meer verenigde personen) en de strafoplegging, tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof 's-Hertogenbosch opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan, en tot verwerping van het beroep voor het overige.
2. Beoordeling van het eerste middel
Het middel strekt ten betoge dat het Hof het vonnis van de Rechtbank wat betreft de motivering van de bewezenverklaring van het in de zaak met parketnummer 01-088161-16 onder 1 tenlastegelegde niet zonder meer had mogen bevestigen nu daarin is volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen als bedoeld in art. 359, derde lid, Sv, terwijl in hoger beroep van dit feit vrijspraak is bepleit.
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 4 tot en met 11 is het middel terecht voorgesteld.
3. Beoordeling van het tweede middel
Gelet op de hierna volgende beslissing behoeft het middel geen bespreking.
4. Slotsom
Hetgeen hiervoor onder 2 is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak wat betreft de beslissingen ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 01-088161-16 onder 1 tenlastegelegde en de strafoplegging niet in stand kan blijven en in zoverre dient te worden vernietigd. In die vernietiging zijn begrepen alle in de bestreden uitspraak genomen beslissingen als bedoeld in art. 351 Sv omtrent de oplegging van een straf en/of maatregel, waaronder ook de schadevergoedingsmaatregel, maar niet de beslissingen als bedoeld in art. 361 Sv omtrent een vordering van de benadeelde partij (vgl. HR 26 november 2013, ECLI:NL:HR:2013:1430).
5. Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de beslissingen ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 01-088161-16 onder 1 tenlastegelegde en de strafoplegging;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren J.C.A.M. Claassens en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 maart 2019.