ECLI:NL:HR:2024:757

ECLI:NL:HR:2024:757, Hoge Raad, 28-05-2024, 22/04204

Instantie Hoge Raad
Datum uitspraak 28-05-2024
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 22/04204
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Cassatie
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:PHR:2024:368
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 3 zaken
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001903

Samenvatting

Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. rijden onder invloed, art. 8.5 WVW 1994. Ontvankelijkheid hoger beroep, appelschriftuur bij stukken. Kon hof oordelen dat door of namens verdachte geen schriftuur houdende grieven is ingediend en dat verdachte mede daarom ex art. 416.2 Sv niet-ontvankelijk wordt verklaard in h.b., nu hof geen acht heeft geslagen op inhoud van grievenformulier, dat zich bij stukken bevindt? Bij stukken bevindt zich een op naam van verdachte gesteld “Grievenformulier”. Dit formulier houdt in dat verdachte in h.b. komt omdat hij het niet eens is met opgelegde straf. Gelet op het voorgaande is ’s hofs oordeel dat door of namens verdachte geen schriftuur houdende grieven is ingediend en dat het door verdachte ingestelde h.b. mede daarom ex art. 416.2 Sv n-o wordt verklaard, niet zonder meer begrijpelijk. Volgt vernietiging en terugwijzing.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 22/04204

Datum 28 mei 2024

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 26 oktober 2022, nummer 23-001985-22, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984,

hierna: de verdachte.

1. Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.J. Wortelboer, advocaat in Heerhugowaard, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot vernietiging van de uitspraak van het hof en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

2. Beoordeling van het cassatiemiddel

Het cassatiemiddel keert zich tegen de niet-ontvankelijkverklaring door het hof van het door de verdachte ingestelde hoger beroep.

Het hof heeft – bij verstek – het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard en heeft daartoe overwogen:

“Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroepDoor of namens de verdachte is geen schriftuur houdende grieven ingediend. Evenmin zijn mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Ook overigens is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak. Om die reden wordt de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.”

Bij de stukken bevindt zich een op naam van de verdachte gesteld ‘Grievenformulier’. Dit formulier houdt onder meer in:

“Om één of meer van de volgende redenen kom ik in hoger beroep:(...)Ik ben wel bij de zitting aanwezig geweest, maar ik wil een nieuwe behandeling, om de volgende reden(en):niet eens met strafmaat. (...)StrafmaatIk heb bezwaren tegen de (hoogte van) de opgelegde straf:cliënt is het niet eens met opgelegde straf, is van mening dat veroordeling ten onrechte tot gevolg heeft dat recidiveregeling van toepassing is.”

Gelet op het voorgaande is het oordeel van het hof dat door of namens de verdachte geen schriftuur houdende grieven is ingediend en dat het door de verdachte ingestelde hoger beroep mede daarom op de voet van artikel 416 lid 2 van het Wetboek van Strafvordering niet-ontvankelijk wordt verklaard, niet zonder meer begrijpelijk.

Het cassatiemiddel is terecht voorgesteld.

3. Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de uitspraak van het hof;

- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 mei 2024.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl SR-Updates.nl 2024-0111 RvdW 2024/585
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?